← Table of contents
Op den Uitkijk, Jaargang 1909

Labrang Gomba, een klooster in Thibet.

Reading edition

Dr. Albert Tafel, die al eenige reizen door Thibet deed, heeft onlangs een en ander verhaald over een thibetaansch klooster, gelegen op 35 graden N.B. en 102 O.L., daar, waar de hoogvlakte naar het Noordoosten weer zooveel lager wordt, dat er in de dalen een weinig gerst en tarwe kunnen verbouwd worden. Het is een der grootste kloosters van het verboden Thibet. Er zijn nog slechts weinig Europeanen, die Labrang Gomba hebben gezien, want het ligt niet aan een der groote karavaanwegen, terwijl het bovendien berucht is om de weinig vriendelijke gezindheid van de bewoners.

Het groote Lama-klooster Labrang Gomba in Oost-Thibet.
Het groote Lama-klooster Labrang Gomba in Oost-Thibet.

Het groote Lama-klooster Labrang Gomba in Oost-Thibet.

Maar wel behoort het tot de belangrijkste kloosters uit Thibet, want steunend op zijn groote rijkdommen en op de ongeveer 8000 tot 10.000 monniken heeft het kloosterbestuur het zoo ver weten te brengen, dat een zeer groot gebied van het klooster afhankelijk is, dat verscheiden kleine vorsten aan de macht van de kloosterheeren gehoorzamen en hun belasting betalen, en dat enkele groote stammen bestuurd worden door lama’s, uitgezonden door het klooster.

»Ik heb«, verhaalt Dr. Tafel, »Labrang Gomba bezocht in October 1907. Het complex van kloostergebouwen ziet er indrukwekkend uit. Het zijn huizen van twee verdiepingen en veel kleinere woningen, alle vroolijk wit, rood en zwart geschilderd en zeer zindelijk onderhouden zijn. De grootste gebouwen worden bewoond door levende Boeddha’s en heiligenincarnaties, want men kent in Labrang als overal in Thibet veel levende goden; ook tempels en bidhallen behooren tot de kloostergebouwen en enkele in chineeschen stijl opgetrokken heiligdommen.

Bijna was Labrang Gomba een bijzonder heilig klooster geworden, want sinds 1906 heeft het bestuur zich alle mogelijke moeite gegeven, om den Dalai Lama binnen de muren van het klooster te mogen herbergen. De monniken waren in 1907 zelfs begonnen, voor den Dalai Lama een bijzonder paleis te bouwen, want ze meenden toen den tegenstand van den slimmen en onberekenbaren heer te hebben overwonnen en hoopten ook bij de chineesche regeering de toestemming te krijgen, dat de Dalai Lama voortaan onder hen zou mogen resideeren. Maar de vrees van den Dalai Lama won het pleit. En niet ten onrechte vreesde hij de broeders, want bij de hoogere thibetaansche geestelijkheid heeft de Dalai Lama sinds zijn vlucht naar Mongolië en zijn zonderling handelen tijdens de engelsche expeditie alle populariteit verloren en hij zou er van zijn leven niet zeker zijn geweest«.

De groote Fransche expeditie van kapitein d’Ollone in 1908 is dichtbij het klooster Labrang Gomba door een thibetaanschen stam aangevallen, waarbij twee fransche officieren gewond werden. Toen is het klooster in de europeesche dagbladen genoemd. Men is er niet ver van de chineesche grens, maar dat waarborgt volstrekt de veiligheid niet. De Khamba’s, de bewoners van Oost-Thibet, zijn tot bij Lhassa en in het overige West-Thibet gevreesd om hun roof- en moordzucht. Het gaat er onder de stammen toe als in Europa in de Middeleeuwen; het leenstelsel is er in zwang, en niemand bekommert zich om de heeren in naam, de Chineezen. De keizer is al te ver! Het roofridderwezen verheugt er zich in grooten bloei, zooals goederenkaravanen maar al te vaak ondervinden. Ook Dr. Tafel deed daarvan ervaringen op. Hij en luitenant Filchner werden in 1904 aangevallen en de kleine karavaan van 1906 en 1907 verloor driemaal door een rooversaanval expeditiemateriaal en deelen der verzamelingen. Het is daar ook het gebied, waar Dutreuil de Rhins in 1894 werd vermoord, en in 1900 hadden de Russen Kozlow en Kozlakow op hun wetenschappelijke reis formeel slag te leveren, waarin hun 17 Kozakkengeweren 32 Thibetanen deden sneuvelen.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings