Het reizen van een aziatische ziekte.
Reading edition
Tot in het jaar 1817 was in Europa nog geen geval van cholera voorgekomen. Ook toen nog waren het enkele sporadische gevallen, die uit Voor-Indië en Egypte waren overgebracht. In 1823 was deze epidemie geëindigd. Spoedig echter, reeds in 1826, werd zij door een tweede gevolgd, die elf jaar geduurd heeft en zich over de geheele wereld heeft verspreid. Uitgangspunt was ook ditmaal weer Engelsch-Indië. Pelgrims brachten later van uit Mekka de ziekte naar Turkije en Rusland over (1830). Eén jaar later werd ook Duitschland en het volgend jaar werd Nederland bezocht (1832). In hetzelfde jaar reeds kwamen gevallen voor in N. Amerika. Tot 1837 bleef de ziekte in Europa woeden; overal vielen de slachtoffers in grooten getale. De derde wereldepidemie begon in 1846, bereikte Rusland in 1847 en verspreidde zich in 1848 over geheel Europa, waar zij, vooral in 1848, ook in ons land zeer sterk woedde. Deze epidemie heeft, nu eens veel minder wordend, dan plotseling weer opflikkerend, tot 1860 gewoed. Toen kwam er een kleine pauze, die slechts enkele jaren duurde. Want in 1864 was er een nieuwe epidemie uitgebroken, gaande van Indië naar China en Japan. Dank zij de moderne vervoermiddelen en het meer intensieve verkeer, dat zich ontwikkeld had, kon de cholera sneller reizen en zij had slechts één jaar noodig om vanuit Indië naar Egypte en Algiers te komen, vanwaar zij de Middellandsche Zee overstak en binnen enkele weken geheel Zuid-Europa aantastte. Van hieruit werd ook Rusland, waartoe de cholera zich klaarblijkelijk bijzonder voelt aangetrokken, bezocht. Ons land werd evenmin gespaard en in 1866 begaf de cholera zich via Rotterdam naar Engeland. In 1870 scheen de epidemie tot bedaren te komen. Maar men had buiten Rusland gerekend, dat zoo langzamerhand als cholera-broednest met Engelsch-Indië gaat wedijveren. Vanuit het Czarenrijk begon de gevreesde ziekte een tocht door Europa en bleef daar nog drie jaar woeden.
Tot 1884 werd Europa met rust gelaten. In dat jaar kwamen gevallen voor in Zuid-Europa. Aanvankelijk scheen het alsof deze epidemie, die ook weer van Indië afkomstig was en zich in Azië sterk uitbreidde (Japan, China, Ned.-Indië enz.) tot Zuid-Europa beperkt zou blijven. In 1889 kwamen dan ook geen gevallen meer in Europa voor; in 1890 weer verscheidene in Spanje, in 1891 echter bleef Europa vrij. Maar ook ditmaal, zou de verrassing uit Rusland komen. De cholera, die snel langs de groote verkeerswegen Zuid-Europa had bereikt, maar daar niet verder kon, had nog een ouden beproefden weg om het beschaafde werelddeel te bereiken. Via Perzië naar Rusland gekomen, deed dit land opnieuw als verspreider dienst. Zwaar heeft Rusland onder deze epidemie geleden. Men schat het aantal cholera-dooden in dat land gedurende 1892–1894 op 800,000. Bekend is, hoe van uit Rusland vooral Hamburg door deze epidemie is aangetast; ook in ons land kwamen enkele gevallen voor.
Thans kan de geschiedschrijver beginnen met den zesden cholera-tocht. In Europa gekomen in 1907, sterk gewoed in Rusland, vooral in Petersburg in 1908 en 1909. In Augustus en September van uit Rotterdam ook in Nederland verspreid, maar gelukkig slechts met zeer enkele gevallen.