← Table of contents
Op den Uitkijk, Jaargang 1909

Bij een paar Spreewaldkiekjes.

Reading edition

Ten zuidoosten van Berlijn in het gebied van den bovenloop der Spree ligt dat bekende Spreewald, de streek met zooveel eigenaardigs in de gewoonten en de kleederdrachten der bewoners. Bij het dorp Burg begint het al. Daar toch verdeelt zich de Spree in tallooze armen en armpjes, die het land als liefkoozend omvatten. Nu eens door vlakke weiden, dan door hoog opgaand bosch stroomend, bieden die waterloopen de grootste afwisseling van uitzichten over het wijde land of op nauw ingesloten oeverlandschappen. Ten noorden van Cottbus worden de korenvelden en graslanden aangetroffen, waar de maaiers in schilderachtige middagrust bijeen zijn, en de witte hoofddoeken der vrouwen en meisjes lichte plekken vormen. Aan spijs en drank laaft men zich, terwijl de kinderen, die den versterkenden kost brachten, mee mogen eten, want buiten in het veld smaakt het veel lekkerder dan tehuis!

De booten van het Spreewald zijn een kenmerkende factor in de streek. Het zijn als onze giethoornsche punters de voornaamste vervoermiddelen van het land; reeds de jeugd leert er mee omgaan, daar het gaan naar school en kerk, naar de markt en het dorp, naar het spoorwegstation en naar visites bij buren, alles met de boot gebeurt. Ook de meisjes leeren boomen en sturen door het warnet van takken en takjes van de Spree. Het land is maar weinig bevolkt; hier en daar is een boerenhoeve te zien, en men kan bezwaarlijk naar den weg vragen. Dan gaat het nog beter te informeeren aan iemand, dien men in een andere boot tegenkomt.

De houten huizen met vakwerk en strooien daken staan soms in groepjes en keeren den bezoeker dan meestal den rug toe op de manier als bij ons in de Zaanstreek, maar zooals daar Wormerveer beleefder is en naar de rivier den voorkant van zijn huizen keert, zoo doen in het Spreewald Lehde en Leipe dat ook. Tusschen de gehuchten worden de waterloopen omsloten door elzen en eiken, esschen, iepen en beuken. Het dorp Lehde heeft men wel het Venetië van het Spreewald genoemd, en jaar op jaar komt een kunstenaarskolonie er schilderen. Inderdaad is het natuurschoon er wel een bezoek waard. Een tochtje van Burg naar Lübbenau bijvoorbeeld is een genot voor den natuurvriend.

Meisjes uit het Spreewald.
Meisjes uit het Spreewald.

Meisjes uit het Spreewald.

Daarbij boeien de menschen, die men ziet. Het is een slavische bevolking, de Sorben, die in twee groepen zich laten verdeelen met een uiteenloopende taal, de Oppersorben en de Nedersorben. De eersten wonen in het koninkrijk Saksen en het aangrenzend deel van Silezië; de Nedersorben in de streek ten noorden van Cottbus, hebben nog het trouwst aan hun oude kleederdrachten vastgehouden. Dat zal voor een groot deel ook wel samenhangen met de ontsluiting van het Spreewald voor de toeristen, die graag de vreemde kleederdracht zien, de kleurige kleeding, die de bewoners dan met trots vertoonen. Men kan immers daarbij vooral op de groote feesten, Paschen en Pinksteren, zijn rijkdom toonen in de kostbare stukken der kleeding en in de sierlijke hoofddoeken. De dracht der mannen is zoo goed als vergeten. Zelden ziet men de lange, grijze jas en de muts met kwast, door enkele oude heeren nog gedragen. Die ouden behooren tot een verdwijnenden tijd.

Maar heel anders is het met de kleeding der vrouwen. De kleinste meisjes dragen den hoofddoek en gaan daarmee naar school. De onderwijzers hebben wel eens om hygiënische reden getracht, die gewoonte tegen te gaan, maar de ouders verzetten zich, en de regeering heeft op goede gronden verordend, dat men de dracht niet moet tegengaan, daar het volk er te zeer aan is gehecht. Die hoofddoek is onafscheidelijk van de vrouwen en meisjes, en het is een aardig gezicht, als zoo’n boot vol kerkgangers voorbijgaat en men de stijve vijfhoeken daarin op rijen ziet geschaard. De maagd en de vrouw, de bruid en de grijze dragen ze, maar niet allen op dezelfde manier. Elk dorp heeft zijn eigen vouwen en kleuren, verschillend weer naar gelang van omstandigheden, van doop of bruiloft, aanneming of avondmaal, danspartij of werkplaats.

Middagrust bij het hooien.
Middagrust bij het hooien.

Middagrust bij het hooien.

Er behooren dan bij het witte bovenhemd zonder mouwen, de kleurige borstdoek, de groote boezelaar en de vele wijd uitstaande rokken. In hoofddoeken, schorten en bovenrokken kan een weelde worden ten toon gespreid, die opvallend afsteekt tegen de gewone zuinigheid der bewoners. In het eigenaardige land passen de eigenaardige kleederdrachten, en samen maken ze het verklaarbaar, dat tegenwoordig de uitstapjes naar het Spreewald zeer in de mode zijn.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings