← Table of contents
Op den Uitkijk, Jaargang 1909

De Ezel in het Zuiden.

Reading edition

Als een ezel verstandig kon nadenken en er zoo iets als een wereldbeschouwing op na hield, moest hij wel troosteloos pessimistisch wezen en zich overtuigd voelen, dat er op aarde geen recht is te krijgen, ten minste niet voor zijns gelijken. Niet genoeg, dat de mensch hem kastijdt en ranselt en alles uit hem haalt wat hij aan kracht kan leveren, zijn naam wordt bovendien zonder piëteit als scheldnaam gebruikt.

Maar is de ezel werkelijk zoo’n ezel, of heeft de miskenning van de natuur van den ezel zijn naam zulk een boozen klank gegeven? Die vraag laat zich niet beantwoorden, zonder dat men eerst eens goed aan het onderscheiden gaat. De europeesche ezel, zooals wij hem kennen, is, als een ontaarde spruit van den wilden afrikaanschen en aziatischen ezel, slechts een zwakke afstraling van het ezeldom. Hij is, al klinkt dat niet vleiend voor de menschen, als menig ander huisdier in den dienst van den mensch dommer geworden en al achterlijker, zwakker en stompzinniger, naarmate hij meer naar het Noorden werd verplaatst.

Als echt dier van het Zuiden heeft hij voor zijn ontwikkeling, voor de ontplooiing van zijn talenten, droogte en gelijkmatige warmte noodig, en hoewel hij overigens nog wel de kunst verstaat, zich naar ongunstige omstandigheden te schikken, heeft hij maar een gering weerstandsvermogen tegen kou en vocht. De wilde ezel, dien men van Syrië over Arabië en Perzië tot in Indië vindt, de middelaziatische halfezel en de groote, schoone steppenezel van Somaliland, ze zouden er vrijwat tegen hebben, ons grauwtje te erkennen als huns gelijke in de familie Asinus, want zij bezitten vuur, snelheid en slimheid, en laten niet op treurige manier den kop hangen als de ezel in ons land.

Egyptische ezel.
Egyptische ezel.

Egyptische ezel.

Nog hooger op de ontwikkelingsladder staan de ezels, die bij de bezoekers van Egypte zoo goed bekend zijn, de rijezel, waarvan de mooiste en statigste exemplaren uit een kruising van den wilden ezel, Onager, met tamme ezelinnen zijn voortgekomen en die vaak hooger in prijs zijn dan een rijpaard van gemiddelde hoedanigheid. Egypte heeft het ideale ezelklimaat en langoor ontwikkelt zich aan den Nijl dan ook tot een elitedier, in welks schalksche oogen veel te lezen staat, en welks temperament menigeen, die ook wel graag een ruiter wou wezen, heel wat te stellen heeft gegeven. Men moet dien egyptischen ezel liefkrijgen, want zijn gewilligheid wordt misschien alleen overtroffen door zijn volharding en zijn bescheidenheid. De ezeljongen geeft hem ’s morgens voor het begin van den tocht zijn voer en dan eerst weer des avonds, nadat het dier soms 30 tot 40 kilometer door het diepe woestijnzand met een stevigen Germaan op zijn rug heeft afgelegd. Dan is het toch geen wonder, als de dappere langoor op den terugweg enkele teekenen van vermoeidheid niet kan verbergen, waaraan men dan den naam van koppigheid geeft en die met slagen worden beantwoord.

Melkezelinnen in Madrid.
Melkezelinnen in Madrid.

Melkezelinnen in Madrid.

Veel minder waard dan de egyptische ezels zijn de zuid-europeesche. Reeds in Zuid-Frankrijk is de ezel maar in betrekkelijken zin een goed lastdier. Toch wordt hij er nog al druk gebruikt, maar minder in Italië, waar de huisdieren over het algemeen worden verwaarloosd en met name de ezels bij de krachtiger muildieren achterstaan. Het meest treft men hem nog aan in sommige provincies van Spanje en heel veel in Spanje’s hoofdstad. Daar, in Madrid, neemt het dier aan een heele reeks beroepen en bedrijven deel. Maar het grillige klimaat van Madrid met de snijdend koude winden in den winter bekomt langoor niet te best, en mooi zijn de spaansche ezels dan ook volstrekt niet, al zijn ze erg bemind bij de menschen. De melkezelinnen zijn karakteristieke verschijningen in de straten van Madrid in de vroege morgenuren. Ezelinnenmelk wordt er op hoogen prijs gesteld, vooral als geneesmiddel bij de in de stad zooveel verspreide borstziekten. Van huis tot huis worden de ezelinnen gedreven en op de plaats zelve gemolken.

Die ezelinnen hebben het goed evenals de deftige ezels in keurig tuig, wier huid met de grootste zorgvuldigheid wordt behandeld. Daarentegen is menig ezeltje van een arme waschvrouw er droevig aan toe en voor de groentekarren is hun lot ook dikwijls weinig benijdbaar, zoo min als wanneer hun rug onder bloemen schuilgaat, wanneer zij de vrachten Florakinderen naar de bloemenmarkt brengen. »Burro«, dat is de spaansche vertrouwelijke naam van den ezel, heeft in het land der citroenen en amandels een druk en bedrijvig bestaan, maar op een enkelen dag van het jaar wordt hij prachtig versierd en in optocht naar het klooster van den H. Antonius gebracht, waar alle ezels dien dag den zegen ontvangen, een oase, die 17de Januari, in het leven van menig arm, zwoegend ezeltje.

Een deftige ezel.
Een deftige ezel.

Een deftige ezel.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings