← Table of contents
Op den Uitkijk, Jaargang 1909

Koloniaal Museum bij Brussel.

Reading edition

In Tervueren op een paar uur afstands van Brussel is een nieuw Koloniaal Museum gebouwd, een waar paleis, waarvan wij hier een afbeelding geven, die de achterzijde vertoont. Het van grauwen steen opgetrokken gebouw staat aan de grens van het park van Tervueren, dat bijzonder mooie park met zijn oude boomen en schilderachtige vijvers. In het volgend jaar zal het Museum tegelijk met de tentoonstelling in April geopend worden. Het is een museum van de koloniën, maar waar België zich in het houden van koloniën in de beperking meester toont, zou men het ook gevoegelijk een Congo-Museum kunnen noemen.

De verzameling, die naar het nieuwe gebouw zal worden overgebracht, is nu geborgen in het oude Museumgebouw, dat in het park niet ver van het nieuwe staat en sedert de tentoonstelling van 1897 tot Congo Museum ingericht werd. Het voldoet als zoodanig lang niet aan de eischen, die men thans mag stellen; te veel voorwerpen staan onbeschut, omdat de kasten, waarin ze moesten zijn geborgen, ontbreken. Dat alles zal verbeteren, en tegelijk met de verhuizing naar het nieuwe gebouw, waartoe men thans maatregelen treft, wordt een nieuwe indeeling, een andere rangschikking ingevoerd; men zal niet bijeenbrengen hier de voorwerpen der Zappo Zap, verderop die der Majombe, elders weer het huisraad en de wapens van andere stammen, die als geografische groepen bijeenbehooren; maar men wil de voorwerpen van gelijke soort naast elkander zetten, al het pottebakkerswerk van heel het Congo-bekken, al de muziekinstrumenten, en van deze weder trommen bij trommen, harpen bij harpen, en zoo voort. Het denkbeeld is niet nieuw; in meer dan een museum zijn dergelijke groepen van gelijksoortige dingen aanwezig, meestal echter samengesteld uit de dubbelen en naast de geografische groepen.

Het Koloniaal Museum in het park van Tervueren bij Brussel.
Het Koloniaal Museum in het park van Tervueren bij Brussel.

Het Koloniaal Museum in het park van Tervueren bij Brussel.

Naast deze groepen van gelijksoortige voorwerpen zal men in het nieuwe museum van Tervueren ook wel de geografisch bijeenbehoorende voorwerpen kunnen zien, maar voornamelijk door afbeeldingen; hoofdzaak blijft de hierboven beschreven indeeling.

Iets nieuws is, dat men in het museum van Tervueren ook de ontwikkeling van het voorwerp zal laten zien. De heer Coart, de conservator der ethnografische afdeeling, schrijver van uitvoerige en rijk geïllustreerde verhandelingen over de pottebakkerskunst, de muziekinstrumenten en de godsdiensten der Congoleezen, beschrijvingen, die in de Annales du Musée verschenen zijn, de heer Coart, die drie jaar aan den Congo doorgebracht heeft, stelt zich voor den bezoekers eene merkwaardige evolutie onder de oogen te brengen; hun te toonen hoe een voorwerp aan zijn vorm, aan zijn samenstel, aan zijn versiering komt; dat een en ander maar niet toevallig is. Zoo maakt de natuurmensch voor zijn kindje van een kalebas een rammelaar of mogelijk heeft hij er zelf wel plezier in en maakt er muziek mee bij feestelijke gelegenheden, en als men later van biezen zoo’n instrument gaat vlechten, behoudt men den kalebasvorm. Op die wijze laten zich vormen en versieringen van ethnografische voorwerpen dikwijls historisch verklaren en waar op die ontwikkeling wordt gewezen, wint een tentoonstelling in of buiten een museum natuurlijk niet weinig in leerzaamheid en belangwekkendheid.

Wat het inwendige van het nieuwe gebouw betreft, de groote zaal van 130 meter lang en 40 breed, met haar vloer en muren verdwijnend achter veelkleurig marmer van zeldzame schoonheid, is een prachtstuk, welks rijke eenvoud stille bewondering wekt. Een lange rij hooge ramen geeft uitzicht op breede grasperken met vijvers, waarachter het hooge geboomte van het park afsluitend verrijst. Groote ijzeren traliedeuren, met spiegelglas gevoerd, leiden naar den binnenhof, die door zuilengangen omsloten is. Kleinere zalen met parketvloeren en bovenlichten grenzen aan de marmeren zaal, en het is deze laatste die voor ethnografisch museum bestemd werd.

Alles zal daar worden ondergebracht in kasten en vitrines van staal en spiegelglas op mahoniehouten voet, terwijl in standaards met draaibare vleugels kaarten, foto’s en andere afbeeldingen de ophelderingen, die de etiketten geven, zullen aanvullen. Brussel is zeker te feliciteeren met het nieuwe museum, dat voor de volksontwikkeling van beteekenis kan worden.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings