← Table of contents
Op den Uitkijk, Jaargang 1909

Caoutchouc en getah pertsja.

Reading edition

Er zal na Woensdag 16 December j.l. weer een vermindering zijn gekomen in het aantal van diegenen, die geen raad weten met het onderscheid tusschen caoutchouc en getah pertsja of gutta pertjah, want toen heeft Dr. M. Greshoff, de directeur van het Koloniaal Museum voor de leden van de Maatschappij van Nijverheid, departement ’s-Gravenhage, een lezing over dat onderwerp gehouden, aan het slot door zeer mooie lichtbeelden gerecapituleerd.

Onder de tropische boomsoorten, die in hun melksap zulk een bruikbare stof leveren, staan de caoutchoucleveraars, Hevea brasiliensis en Ficus elastica bovenaan, de eerste in Zuid-Amerika tehuis en ook wel Pararubberboom genoemd, en de laatste meer speciaal een zoon van Nederl.-Indië, en ook wel als eenvoudig gomboom bekend. Dat caoutchouc is de stof, die de grootste beteekenis heeft op het oogenblik in den wereldhandel, want daarvan wordt gemiddeld op aarde 70 millioen kilo per jaar gebruikt tegen maar 2, hoogstens 3 millioen kilo gutta, terwijl de balata uit West-Indië ernaast staat met een gebruik van 1 millioen kilo.

Ons Indië heeft een mooie toekomst, als de aanplant van de gomboomen krachtig ter hand wordt genomen; het zal door de hoogstaande bevolking en het goed ontwikkelde plantagebedrijf de concurrentie op dit gebied gemakkelijker dan eenig ander cultuurland kunnen volhouden. Eerst bepaalde men zich tot het inzamelen van de door in het wild groeiende boomen afgescheiden sappen, maar daar de prijzen daarbij steeds aan groote schommelingen waren onderworpen en men door roofbouw uitputting van de bosschen vreesde, is men ongeveer een 20 jaar geleden, op Ceylon en op Malakka en later ook in Ned.-Indië begonnen om caoutchoucboomen te kweeken, en wel met dit resultaat dat nu reeds een 2 millioen K.G. geteelde rubber aan de markt komen. En als ’t zoo doorgaat, kan wel voorspeld worden dat in 1915 de Ceylonsche rubberbosschen zullen opleveren 15 millioen K.G., Malakka een zelfde hoeveelheid en Ned.-Indië ongeveer 12 millioen.

Eén industriëele toepassing van de rubber is nu nog gering, maar zal wel belangrijker worden zoodra de prijs gaat dalen: dat is haar gebruik voor plaveisel, voor den Londenaar zou het stofvrije caoutchouc-plaveisel de ideale bestrating zijn, maar er valt niet aan te denken, omdat de eisch van een absoluut vlakke onderlaag zoodanige bestrating vooralsnog te duur maakt. Op mailbooten en op kantoren maakt men reeds veel gebruik van deze onslijtbare, absoluut stofvrije en elastische bevloering. Dr. Greshoff noemde het ook geschikt voor beurslokalen, al was het alleen om de door de koersen teleurgestelde heeren in staat te stellen, de zalen met elastischen tred te verlaten.

Op de rubbertentoonstelling, in 1908 in Londen gehouden, kwam ons land zoo goed voor den dag, dat men van een anglo-dutch exhibition heeft gesproken.

Als grondstof voor wielen van fietsen en automobielen is caoutchouc onovertroffen, en dat gebruik heeft het succes van de caoutchoucindustrie zoo goed als geheel alleen veroorzaakt.

Voor getah pertsja, een hardere, meer houtachtige, niet elastische stof, melksap van de getah pertsjaboomen, ging in 1843 een licht op, toen zijn geschiktheid voor het isoleeren van kabels bleek. Ideaalstof voor kabels was het, omdat ze niet enkel de electriciteit niet geleidt, maar daaraan ook een enormen weerstand biedt. De brief, dien in het genoemde jaar Sir William Siemens aan zijn broer Werner te Berlijn schreef over het onderwerp, is inderdaad geweldig geweest in zijn gevolgen, want zoo belangrijk is de gutta p. geweest voor deze industriëele toepassing, dat sedert deze ontdekking al wat van het product aan de markt komt, als isolatiemateriaal naar den bodem der zee verhuist.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings