De Namib.
Reading edition
Deze voor velen zeker onbekende naam komt toe aan een strook gronds in Duitsch Zuidwest-Afrika, waar de vondst van diamanten leven en beweging heeft gebracht. Het is een ongeveer honderd kilometer breede, bijna waterlooze gordel tusschen de Oranjerivier en de Kunene, onmiddellijk achter de kust. Die onvruchtbare steppe schijnt de menschen te willen afschrikken van het binnenland. Maar tegenwoordig lokken de glinsterende steentjes in het losse zand velen naar de wildernis, waar vroeger alleen de schuwe Bosjesman zich soms ophield.
De Namib heeft haar afschrikkende eigenaardigheden. Hier en daar kan men in het geheel geen overzicht van de streek krijgen, want de eene rots schuift zich vóór de andere, en de kloven en hellingen zijn bedekt met zandduinen, waartusschen zich de gebruikelijke ossenwagen met ongelooflijke moeite een weg baant. Een niet eens bijzonder zwaar geladen wagen moet in het achterland van de Lüderitzbaai soms met 42 ossen worden bespannen, om hem op sommige plaatsen vooruit te krijgen.
De Namib is een toevluchtsoord voor een zeer groote hoeveelheid wild in groote kudden. De dichtste massa antilopen kruist dikwijls opeens den weg van den reiziger; jakhalzen vertoonen zich niet zelden, en op de rotsen wonen menigten bavianen, die als magere dorpshonden blaffen.