Prost Neujahr!
Reading edition
1Ik hoor wat nieuws in deze tijd, :|:
|: het is ons Jantje, dat noble kwantje
komt bij de meid. :|
2Ik hoord hem praaten al van de min;
hij zoekt een kooltje, ja bij mijn zooltje,
al na zijn zin.
3Wie zou het looven van deze kwant?
heeft hij de vinger, hij maakt het slimmer
en neemt de hand.
4Gij vangt nu aan in’t nieuwe jaar:
’k wensch gij meugt vatte nog zeer veel schatte
al binnen ’t jaar!
5Ik scheid er met mijn liedje uit:
geeft mijn twee duiten, ik zal’t niet stuiten,
wel lieve bruid!
Holländisch: Apollo’s St. Nicolaasgift, Leiden s. a. mit der Weise: Du liegst mir Tag und Nacht im Sinn.
¶ 1, 2. kwantje, Bürschchen—3, 1. looven für gelooven—5, 2. duit, früher kupferne Scheidemünze, zwei Pfennig an Werth—stuiten, hindern.