← Table of contents
Japanse Verzen

IX. Volkeren-Morgen.

Reading edition

Di tempels soms van ’t Toekomst-Land mij leken

En dan m’een plechtig Zondags-bong’len zonden,

Met drang van koorgezang mijn ziel doorstreken.

’k Wil met den stouten waan der Slaven breken,

Di Ruslands wereldheerschappij verkondden,

Want reeds zi ’k in mijn vlucht naar verder streken

Ook den Mongool een mateloos Rijk zich gronden.

’t Is me of daar troostend de pagoden-torens

Hun luifels voor geknechte volken breiden,

Moed schenken door ’t opspitsen hunner horens

Al wi ook dáár een niwen dag verbeiden

En reeds hun schellen met de randen schouwen

Naar d’Aarde in aller Volkeren morgen-blauwen.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings