XXXVI. Wedergeboorte.
Reading edition
Den woesten strijd op uitgeputten grond,
In Jong-Japan, in nauw ontgonnen streken,
Toen ’k ginds nog vals-modern reaksi vond,
Waar ’t Gele Ras zo toonde plots te breken
Met alles, wat het aan ’t Voorheen nog bond.
Hier zag ’k den hemel d’eerste stralen schoren
Der Zon van een Beschaving zonder weerga,
Hoe, wáár men ook in ’t puin der ouderen woelt.
’k Werd in dit Eden, di Natuur herboren
En ’k heb bij ’t naderen ener niwe Era
Me’ er weer een oermens èn een god gevoeld.