← Table of contents
Japanse Verzen

XIX. Straat bij avond.

Reading edition

Nauw slaat de Zon zijn stralen-wajer dicht

En snelt omhoog nog slechts één bundel licht

Of reeds langs dubbele vuurgierlanden-lijn

Der winkels schommelen bamboe-stengels schijn

Van lampions om menig geel gezicht,

Maar di langs d’ingekeepten haardos zwicht.

In kraft-, peer-, bolvorm hangt als gouden wijn

Hun brand, waarvan ze’ als kleurig matglas zijn

Doorgloejd, en waarom lakzwart randen staan.

Dan in de huizen langs papierwand gaan

Mens-schaduwen: een buigt, een ander wuift,

Een—eerst slechts romp—stijgt, wijkt, strijkt nader, schuift

Plots weg. En klimmend ziet het elpen manemom

Chinese schimmen-mimen, druk en stom.

Notes in this chapter

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings