← Table of contents
Japanse Verzen

XXII. The flowers, that bloom in the spring.…41

Reading edition

O Land, dat, zo gewolk uw Zon betrekt

Beschaduwd als in siësta slingt, gedekt

Door halo-bleke stralen, wijd en zijd

Als uit een hemel-parasol gespreid,

Ge lijkt, als uwe foedzji franje’s breid

Eén bloemgrot, waarvan teer-blauw druipsteen glijd,

En als de sneew nog langs de takken rekt

Dan wit en roodt pruimbloesem, di er gekt

Bij ’s Winters aftocht. Hier spicht zonder groen,

Waar ’t rose als bruigoms stoet, blank voor de bruid

Dat vlinderlicht in bloemen-sferen leeft,

Op wajer-zwier chrysant-gezon doorzweeft.

Notes in this chapter

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings