← Table of contents
Japanse Verzen

XXXV. Fin-de-Siècle.

Reading edition

De wind des Tijds verwaajt de litaniën

Van hen, di half deez’ Maatschappij begrepen,

Maar voor een Wereld van Demokraatsiën

—En half voor di der Bourgeoizi benepen—

Weer staarden naar de vroegere Hierarchiën

En met hun oude glori bleven dwepen,

Zo, soms door valse Wetenschap geslepen

Of dwaas, de wrakke Kerken, Monarchiën

Steun schonken.—

Steun schonken.— Tans gelijk in een der oren

Van een reusachtig, eenzaam Boeddha-Beeld

Een vogel, als om dit te wekken, kweelt,

Wil ik dit wereldschuw geslacht, verloren,

Verdroomd in monnikschap mijn stem toedringen

En ’t van de Aarde en zoete Zonne zingen.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings