Weddenschap.
Reading edition
Ei roosje! kijk eens uit uw’ knop, Of ’t niet haast dag zal wezen! Kom, steek uw kopje veilig op, Ge hebt geen leed te vreezen; Of ziet ge mij niet voor u staan, Met al mijn beste kleêrtjes aan?
Had Moeder gistren niet gewed, Dat gij al lang zoudt prijken, Eer ik, nog domlend in het bed, Uit mijn gordijn zou kijken!— Ei, sliep uit! ’k ben al lang gekleed, En gij zijt nog niet half gereed!
Maar ’k ben ook vroeg naar bed gegaan: Daar zal het wel van komen, Dat ik het eerst nu op kon staan, En gij nog staat te droomen:— Och, Moederlief! och zeg me noû, Wie dacht u, dat het winnen zoû?