← Table of contents
Al de Kinderliederen

Ooijevaar.

Reading edition

Ooijevaar, lepelaar! ’k Zit zoo graag naar u te kijken, Als gij (dragend dat ge zweet) Door de heldre lucht komt strijken— En van rust noch poozen weet, Voor’ uw nest, geheel gereed, Hoog in d’eikenboom mag prijken.

Ooijevaar, lepelaar! Als ge dan nog vele weken Zoo geduldig de eijers broedt, En—als ’t jong er uit komt breken, ’t Met zoo trouwe liefde voedt, Zie, dan vind ik u zóó goed, Dat ik ’t haast niet uit kan spreken!

—Lieve vrind, aardig kind! ’k Dank u voor uw vriendlijkheden! Maar, hebt gij weleens bedacht, Wat Uw Ouders voor U deden Sinds men u ter wereld bragt, En hoe ze altijd, dag en nacht, Nòg hun moeite aan u besteden?

Lieve vrind, aardig kind! Breng het telkens u te binnen: Ik zorg weinig maanden maar, Zie!.... doch de ouders, die u minnen, Zorgen reeds zoo ménig jaar.... Dàt is liefde en trouw, voorwaar! Die ’t van mijne ver nog winnen!—

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings