← Table of contents
Al de Kinderliederen

De bijenkorf.

Reading edition

Foei! stoute bij! Wat steek-je mij! Ik deed u toch geen kwaad: Ik keek maar even hoe het gaat En hoe het met uw korfje staat, En of ge voor de winterdagen Al menig vette honigraat Hebt zaâmgedragen.

—Ja, kind! ik gaâr Het halve jaar Mijn’ honig en mijn was; Ik zwerf en vlieg langs beemd en plas, En zoek de bloempjes in het gras En op de hoogste heuveltoppen, En zuig mijn’ honig en mijn was Uit alle knoppen.

En als ik dan, Mijn kleine man! Vermoeid naar huis toe dril, En ’k zie daar sluipen, zacht en stil, Een’ knaap, die heimlijk snoepen wil, Dan ben ik ’t steken niet vergeten.... Want ’k meen, dat wie niet werken wil, Ook niet mag eten.—

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings