Sneeuwballen.
Reading edition
Sneeuw bedekt de landen: Wascht de kille handen Dat ze tintlend branden, Kneedt den sneeuwbal vast; Krachtig de’ arm geheven, Fiksch den bal gedreven: Ha! dat is een leven, Dat aan jongens past!
Koudkleum mag zich warmen In zijn Moeders armen, Schreijen om erbarmen, Als de bal hem raakt; Laat de kagchel gloeijen,.... Ons zal door het stoeijen ’t Bloed wel sneller vloeijen, Waar de sneeuwbal kraakt!