← Table of contents
De Drie Musketiers dl. I en II

BESLUIT.

Reading edition

La Rochelle, beroofd van de hulp der Engelsche vloot en de afleiding door Buckingham beloofd, gaf zich, na een belegering van een jaar, over; den 28sten October teekende men het verdrag. De koning deed zijn intocht te Parijs den 23sten December van hetzelfde jaar. Men bereidde hem een zegetocht, als had hij een vijandelijke natie en niet de Franschen overwonnen. Hij kwam door de voorstad St. Jacques in, onder groene eerebogen.

D’Artagnan nam bezit van zijn rang.

Porthos verliet den dienst en huwde in den loop van het volgende jaar mevrouw Coquenard. De zoozeer begeerde geldkist bevatte achtmaal honderd duizend franken. Mousqueton kreeg een schitterende livrei en genoot het geluk, waarnaar hij zijn leven lang had gestreefd, namelijk achter op een vergulde koets te staan.

Aramis, na een reis naar Lotharingen, verdween eensklaps en hield op aan zijn vrienden te schrijven. Men hoorde later van mevrouw de Chevreuse, dat hij zich in een klooster te Nancy had begeven. Bazijn werd leekebroeder.

Athos bleef, onder de bevelen van d’Artagnan, musketier tot in het jaar 1631,—op welk tijdstip hij ook, na een reisje in het Roussiljonsche, den dienst verliet, voorgevende een kleine erfenis in Blaisois te hebben gekregen. Grimaud volgde Athos.

D’Artagnan vocht drie malen met Rochefort en kwetste hem drie malen.—„De vierde maal zal ik u waarschijnlijk dooden,” zeide hij, hem de hand reikende om hem op te richten.

Corbleu! ik ben meer uw vriend dan gij wel denkt, want bij de eerste ontmoeting had ik, door een enkel woord aan den kardinaal te zeggen, u den hals kunnen doen afslaan.”

Nu omhelsden zij elkander, hartelijk en zonder achterdocht. Planchet verkreeg van Rochefort den rang van sergeant in het Piemonteesche regiment.

De heer Bonacieux leefde zeer stil, volstrekt niet wetende wat er van zijn vrouw was geworden, en er zich weinig om bekommerende. Op zekeren tijd had hij de onvoorzichtigheid zich aan de herinnering van den kardinaal aan te bevelen. De kardinaal liet hem antwoorden, dat hij zorg zou dragen, dat hem voortaan niets meer zou ontbreken.

En inderdaad, na den volgenden dag te zeven uur te zijn uitgegaan om zich naar het Louvre te begeven, zag men den heer Bonacieux nooit meer in de Doodgraversstraat. De meening van hen, die zich het best onderricht waanden, was dat hij, op kosten van Zijne Edelmoedige Eminentie, in het een of ander koninklijk kasteel voeding en huisvesting genoot.

EINDE.

Het vervolg hierop is getiteld:

„TWINTIG JAAR LATER”.

Inhoud.

EERSTE DEEL

Voorrede

Hoofdstuk I.De drie geschenken van mijnheer d’Artagnan den vader.

Hoofdstuk II.De antichambre des heeren de Tréville.

Hoofdstuk III.De audiëntie.

Hoofdstuk IV.De schouder van Athos, de bandelier van Porthos, en de neusdoek van Aramis.

Hoofdstuk V.De musketiers des konings en de lijfwacht van den kardinaal.

Hoofdstuk VI.Zijne Majesteit, koning Lodewijk XIII.

Hoofdstuk VII.De huishouding der Musketiers.

Hoofdstuk VIII.Een hofintrigue.

Hoofdstuk IX.D’Artagnan doet zich gelden.

Hoofdstuk X.Een muizenval in de zeventiende eeuw.

Hoofdstuk XI.De intrigue verwikkelt zich.

Hoofdstuk XII.George Villiers, hertog van Buckingham.

Hoofdstuk XIII.De heer Bonacieux.

Hoofdstuk XIV.De man van Meung.

Hoofdstuk XV.Tabbaard en degen.

Hoofdstuk XVI.Waarin wordt verhaald, hoe de grootzegelbewaarder Séguier meer dan eens de klok zocht, om die te luiden, zooals hij eertijds deed.

Hoofdstuk XVII.Het huishouden van Bonacieux.

Hoofdstuk XVIII.Minnaar en echtgenoot.

Hoofdstuk XIX.Reisplan.

Hoofdstuk XX.De reis.

Hoofdstuk XXI.De gravin de Winter.

Hoofdstuk XXII.Het ballet van la Merlaison.

Hoofdstuk XXIII.De verliefde samenkomst.

Hoofdstuk XXIV.Het paviljoen.

Hoofdstuk XXV.Porthos.

Hoofdstuk XXVI.De thesis van Aramis.

Hoofdstuk XXVII.De vrouw van Athos.

Hoofdstuk XXVIII.Terugkomst.

Hoofdstuk XXIX.De jacht op de krijgsuitrusting.

Hoofdstuk XXX.Milady.

Hoofdstuk XXXI.Engelschen en Franschen.

TWEEDE DEEL

Hoofdstuk I.Een procureurs middagmaal.

Hoofdstuk II.Kamenier en meesteres.

Hoofdstuk III.Waarin wordt gehandeld over de uitrusting van Aramis en Porthos.

Hoofdstuk IV.Des nachts zijn alle katten grijs.

Hoofdstuk V.Wraakzucht.

Hoofdstuk VI.Het geheim van milady.

Hoofdstuk VII.Hoe, zonder eenige moeite te doen, Athos aan zijn uitrusting kwam.

Hoofdstuk VIII.Een bekoorlijke verschijning.

Hoofdstuk IX.Een vreeselijke gebeurtenis.

Hoofdstuk X.Het beleg van la Rochelle.

Hoofdstuk XI.De Anjou-wijn.

Hoofdstuk XII.De herberg De Roode Duiventoren.

Hoofdstuk XIII.Het nut der kachelpijpen.

Hoofdstuk XIV.Huwelijkstooneel.

Hoofdstuk XV.Het bolwerk Saint Gervais.

Hoofdstuk XVI.De vergadering der musketiers.

Hoofdstuk XVII.Familiezaken.

Hoofdstuk XVIII.Noodlottigheid.

Hoofdstuk XIX.Gesprek van broeder en zuster.

Hoofdstuk XX.Officier!

Hoofdstuk XXI.Een eerste dag van gevangenschap.

Hoofdstuk XXII.Tweede dag van gevangenschap.

Hoofdstuk XXIII.Derde dag van gevangenschap.

Hoofdstuk XXIV.Vierde dag van gevangenschap.

Hoofdstuk XXV.Vijfde dag van gevangenschap.

Hoofdstuk XXVI.Een onderwerp voor een klassiek treurspel.

Hoofdstuk XXVII.De vlucht.

Hoofdstuk XXVIII.Wat er den 23en Augustus 1628 te Portsmouth voorviel.

Hoofdstuk XXIX.In Frankrijk.

Hoofdstuk XXX.Het Karmelieten nonnenklooster te Béthune.

Hoofdstuk XXXI.Twee verschillende soorten van duivels.

Hoofdstuk XXXII.Een waterdrop.

Hoofdstuk XXXIII.De man met den rooden mantel.

Hoofdstuk XXXIV.Het vonnis.

Hoofdstuk XXXV.De doodstraf.

Hoofdstuk XXXVI.Een boodschap van den kardinaal.

Besluit.

Opmerkingen van de bewerker:

Aangebrachte veranderingen ten opzichte van de brontekst:

enkele overduidelijke druk- en spelfouten zijn stilzwijgend gecorrigeerd; de volgende inconsistente spellingen zijn gestandaardiseerd: la Roselle → la Rochelle, Tabers → Tarbes, Trévile → Tréville, Perigord → Périgord, Meré → Méré, Barrevoeters-Karmelieten → Barrevoeter-Karmelieten, Saint/St. Dénis → Saint/St. Denis, Nimes → Nîmes, Castrès → Castres, Uzes → Uzès, Clarik → Clarick, Amiens → Amiëns, Lalen → Laleu, Surgère → Surgères, Medicis → Médicis, de la Fêre → de la Fère, Liliers → Lilliers, Armentiëres → Armentières, Chrevreuse → Chevreuse;

aanhalingstekens zijn gestandandaardiseerd.

de ellipsen zijn gestandaardiseerd.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings