Geschiedenis van den vooruitgang in de fabrikage der zwarte glaskoralen.
Reading edition
Wat was er intusschen geworden van deze moeder, die, zooals de inwoners van Montfermeil zeiden, haar kind zou verlaten hebben? Waar was zij? Wat deed zij?
Na haar kleine Cosette bij de Thénardier’s te hebben achtergelaten, had zij haar voetreis voortgezet en was te M. sur M. aangekomen.
’t Was, zooals men zich herinnert, in 1818.
Fantine had haar geboorteoord omstreeks tien jaar geleden verlaten. M. sur M. had sinds een groote verandering ondergaan. Terwijl Fantine langzamerhand dieper zonk, was haar geboorteplaats in bloei toegenomen.
Voor twee jaren ongeveer had er een dier industriëele omstandigheden plaats gehad, welke in kleine oorden gewichtige gebeurtenissen zijn.
Deze bijzonderheid is voor ons verhaal van belang, en wij achten het noodig, ze nader aan te duiden; wij zouden haast zeggen, er de aandacht op te vestigen.
Sedert onheuglijken tijd bestond te M. sur M. de eigenaardige industrie der namaking van het Engelsch git en der Duitsche zwarte koralen; maar deze industrie had steeds gekwijnd, uithoofde der duurte van de grondstoffen, die op het fabrikaat nadeelig werkte. Toen Fantine te M. sur M. terugkwam, was een algeheele omkeering in de fabrikage der „zwarte artikelen” ontstaan. Tegen het einde van ’t jaar 1815 had zich een onbekend man in de stad nedergezet, en hij was op den inval gekomen, bij deze fabrikage de harst door lak en, in ’t bijzonder voor de armbanden, de samenvoeging door dubbel geplet, in plaats van door gesoldeerd blik te vervangen.
Deze zoo kleine verandering werd een revolutie.
Inderdaad, deze kleine verandering had in groote mate den prijs der grondstof verminderd, ’t geen in de eerste plaats vergunde het arbeidsloon te verhoogen: een weldaad voor het oord; ten tweede de fabrikage te verbeteren: een voordeel voor den kooper; ten derde goedkooper te leveren en tevens driemaal meer winst te hebben: een voordeel voor den fabrikant.
Ziedaar dus drie gevolgen van ééne gedachte.
In minder dan drie jaren was de uitvinder rijk geworden, wat goed is; en hij had alles in zijn omgeving rijk gemaakt, wat nog beter is. Hij was vreemd in het departement. Men wist niets van zijn afkomst; van zijn begin weinig.
Men verhaalde, dat hij met zeer weinig geld in de stad was gekomen, hoogstens met eenige honderd francs.
Uit dit kleine kapitaal, in den dienst gesteld van een vernuftigen geest, vruchtbaar gemaakt door orde en overleg, was zijn fortuin en dat van het geheele oord voortgesproten.
Bij zijn komst te M. sur M. had hij de kleeding, de houding en de taal van een handwerksman.
Het schijnt, dat op denzelfden dag, waarop hij in de maand December tegen het vallen van den avond, onbekend, met den ransel op den rug, een doornstok in de hand, de kleine stad M. sur M. binnenkwam, een geweldige brand in het gemeentehuis was uitgebroken. Deze man had zich te midden der vlammen geworpen en met levensgevaar twee kinderen gered, welke bleken van den kapitein der gendarmerie te zijn, hetgeen de reden was, dat men er niet aan dacht, naar zijn pas te vragen. Men vernam spoedig zijn naam. Hij heette „vader Madeleine.”