← Table of contents
Jack Rustig

Zes-en-twintigste hoofdstuk.

A. J. van Dragt translation

De oude heer rustig raakt door zijn wonderbaarlijke uitvinding vereeuwigd, maar niet precies zooals hij dat bedoeld had. Jack besluit tot een laatsten tocht.

Den volgenden morgen, bij het ontbijt, kwam meneer Rustig maar niet opdagen en eindelijk vroeg Jack aan Mesty waar zijn vader toch was.

“Beneden zeggen ze, dat de oude heer gisterenavond niet thuis gekomen is.”

“Niet thuis gekomen?” riep dokter Middleton uit; “dat moeten we eens onderzoeken.”

“Die bottelier is een groote schurk,” zei Mesty tot Jack; “de oude heer slaapt niet in zijn bed, dat is zeker.”

“Ga eens navragen, wanneer hij uitgegaan is,” zei Jack.

“Als hem maar geen ongeluk overkomen is,” merkte meneer Hanson op; “het was vreemd gezelschap, waarin hij den laatsten tijd verkeerde.”

“Niemand heeft hem gisteravond zien uitgaan, meneer,” zoo luidde Mesty’s rapport.

“Mogelijk is hij wel op zijn studeerkamer,” bracht dokter Middleton in het midden; “’t kan best zijn, dat hij bij zijn wonderbaarlijke uitvinding in slaap geraakt en er den geheelen nacht gebleven is.”

“Ik zal eens gaan kijken,” antwoordde Jack.

Dokter Middleton vergezelde hem en Mesty volgde. Zij openden de deur, en kregen nu een schouwspel te zien, dat hen met schrik deed terugdeinzen. Meneer Rustig stak met zijn hoofd in de machine, Bladzijde 210het bankje was hem onder de voeten uit geschoven, zoodat hij hing en maar even met de teenen den grond kon raken. Dokter Middleton schoot ijlings toe en geholpen door Mesty en onzen held, gelukte het hem den ongelukkige los te maken uit den stalen band, die zijn hals omsloten hield; het leven was echter al sinds eenige uren uit het lichaam geweken en bij nader onderzoek bleek, dat de nekwervel gebroken was.

Er werd vermoed, dat het ongeval den vorigen avond moest hebben plaats gehad, en dit liet zich ook heel goed verklaren. Meneer Rustig had de machine vier voet hooger laten stellen, omdat er een verhooging onder aangebracht moest worden. Daartoe had de timmerman bij wijze van model een paar plankjes los in elkaar geslagen en meneer Rustig was onvoorzichtig genoeg geweest om zich daarop te wagen, ten einde zijn hoofd in den toestel te steken. Het zwakke timmerwerk was echter spoedig onder het gewicht van ’s mans lichaam bezweken en door den schok van den val moest de nek gebroken zijn.

Meneer Hanson wist onzen held, die hevig ontdaan was over het jammerlijk uiteinde van zijn armen vader, met zich mee te tronen, terwijl dokter Middleton intusschen last gaf het lijk naar de slaapkamer te dragen. Nog geen vollen dag geleden had de arme meneer Rustig aan zijn zoon verklaard, dat zijn bewonderenswaardige uitvinding hem zou vereeuwigen, en nu was ’t er al toe gekomen, ofschoon niet precies in den zin dien hij bedoeld had.

We gaan eenige dagen van treurigheid voorbij. De begrafenis had plaats gehad, de luiken werden weer ontsloten en het daglicht opnieuw toegelaten. Jack’s gemoed was tot rust en kalmte gekomen; hij zag zich nu in het bezit der uitgebreide goederen zijns vaders en was zijn eigen meester.

Wel moesten er nog eenige maanden verloopen eer hij meerderjarig werd, maar bij de opening van het testament zijns vaders bleek, dat dokter Middleton tot zijn eenigen voogd was aangewezen. Bij het nazien en bijeenbrengen der papieren, die in de grootste wanorde waren, ontdekte meneer Hanson in verschillende hoeken en gaten banknoten, wissels en schuldbekentenissen, tot een gezamenlijk bedrag van wel tweeduizend pond, onder anderen ook een door kapitein Wilson op zijn kassier afgegeven wissel, ter voldoening van de duizend pond, hem voor meer dan tien maanden door meneer Rustig geleend.

Dokter Middleton schreef aan de admiraliteit en verzocht, onder uiteenzetting der aanleidende omstandigheden, om ontslag uit den zeedienst voor meneer Jack Rustig. Het gevraagde ontslag werd Bladzijde 211verleend en de admiraliteit maakte ook geen bezwaar om Mesty te ontslaan tegen de daarvoor aangeboden schadevergoeding.

De landloopersbenden werden van het landgoed verjaagd, de boschwachters opnieuw aangesteld, de stroopers duchtig achter de vodden gezeten, en allen uit den omtrek waren zoo ingenomen met de manier waarop Jack te werk ging, dat ze in stilte wenschten: had meneer Rustig nog maar wat vroeger zijn nek gebroken.

Intusschen had Jack aan dokter Middleton zijn liefde voor Agnes medegedeeld en zijn bepaald plan te kennen gegeven om haar tot vrouw te nemen. Dokter Middleton vond daar geen bezwaar in, daar hij zag dat het oprecht gemeend was, en Jack vroeg nu al dadelijk, wanneer er een pakketboot naar Malta zou varen.

Mesty, die toevallig achter den stoel van zijn jongen meester stond, merkte op:

“Een ellendig vaartuig, zoo’n pakketboot, Massa Rustig. Waarom neemt u niet liever een oorlogsschip?”

“Dat is waar ook,” antwoordde Jack; “maar weet je, Mesty, dat gaat zoo gemakkelijk niet.”

“En hoe dan thuis te komen, meneer? Als ze u en Miss Agnes eens gevangen nemen en in het cachot stoppen?”

“Ja maar,” hernam Jack, “de grootste moeilijkheid is om als passagier plaats te krijgen op een oorlogsschip.”

“Wel, Massa, koop zelf een schip met een goed getal stukken en een flinke bemanning, dan kunt gij kapitein wezen over uw eigen schip en zoo Miss Agnes hierheen halen.”

“Dat moet ik nog eens in overweging nemen, Mesty,” antwoordde Jack. Hij peinsde er den ganschen nacht over en stond den volgenden morgen op met het besluit om Mesty’s raad te volgen. Bij het ontbijt de krant lezend, viel zijn oog juist op een advertentie, waarbij de verkoop van een buitgemaakte Fransche brik van 278 ton werd aangekondigd. De veiling zou aanstaanden Woensdag plaats hebben te Portsmouth, waar het schip in de haven lag.

Jack gaf een ruk aan de schel en bestelde postpaarden.

“Waar ga je heen, mijn beste jongen?” vroeg dokter Middleton.

“Naar Portsmouth, dokter.”

“En waarvoor? als ’t niet onbescheiden is dat te vragen,”

Jack legde nu zijn plan bloot en verzocht de toestemming van zijn voogd, daar het toch aan gereed geld niet ontbrak.

“Maar ’t zal een verbazend groote uitgave zijn.”

Dat ze belangrijk zal wezen, stem ik toe; maar ik heb uitgerekend, dat ze bij mijn inkomen wel te dragen zal zijn. Bovendien als ik een kaperbrief kan krijgen, is er nog uitzicht op een buitenkansje.” Bladzijde 212

“Maar je zult toch niet te lang blijven kruisen?”

“Wel neen; binnen zes maanden ben ik stellig weer terug; maar nu moet ik weg om te gaan zien, of dat schip aan het doel zal beantwoorden.”

Jack wipte in den wagen en Mesty klom op het achtbankje. Twee uren later waren ze te Portsmouth en gingen het schip bezichtigen, dat een mooi, snelzeilend vaartuig bleek te zijn, met aan weerskanten zes koperen kanonnen.

“Uitstekend,” dacht Jack; “nu een man of veertig en een jongen of zes aan boord en de boel is kant en klaar.” Hij ging met Mesty weer aan wal en keerde naar Boschlust terug. Aan meneer Hanson werd opgedragen zich met den aankoop te belasten en op den veilingdag werd Jack eigenaar van het schip voor een prijs, die niet veel meer dan de halve waarde vertegenwoordigde.

Dokter Middleton had intusschen Jack’s plannen nog eens rijpelijk overwogen. Bezwaar kon hij er niet in vinden, maar hij achtte het toch raadzaam naar een flink zeeofficier om te zien en er op aan dringen, dat het kommando over het vaartuig aan dezen zou opgedragen worden. Jack berustte terstond in die schikking.

“Laat hem vooral ook een goed zeevaartkundige zijn, dokter, want ofschoon ik van het dagelijksch werk tamelijk goed op de hoogte ben, dient er toch in aanmerking genomen, dat ik er in den laatsten tijd niets aan gedaan heb.”

Spoedig had dokter Middleton met de hulp van een bevriend oud-zeekapitein in een zekeren meneer Oxbelly een geschikt persoon gevonden om Jack ter zijde te staan.

Ongeveer zes weken gingen er heen met al de toebereidselen en toen verliet de brik, in de Rebiera herdoopt, de haven.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings