V. HOE OVERWINTEREN DE INSECTEN?
Reading edition
Het spreekt vanzelf, dat een insect in den een of anderen toestand den winter moet doorbrengen: als ei, larve, pop of imago. Nu zijn van elk vele voorbeelden op te geven; we zullen er enkele opnoemen. Als ei overwinteren de ringelrups, de witvlakvlinder, de plakker, de bladluizen, de sprinkhanen. Veel meer insecten blijven als larve den winter over: vele rupsen, de beerrups, de bastaardsatijnvlinder (in nesten), larven van loopkevers, engerlingen, enz. Als pop blijven den winter over: het koolwitje, de koninginne-page, de pijlstaarten, die den grond in kruipen. Zeer veel dieren blijven als imago over: koningin en werksters van de bijen, de hommel- en wespenkoninginnen, goudhaantjes, Onze-Lieve-Heersbeestjes, atalanta, citroentje, kleine vos, steekmuggen.
In het algemeen kunnen wij zeggen, dat de meeste groote vlinders als rups overwinteren, een vierde deel als pop, en zeer weinigen als ei of als vlinder. Er is dus ook hier weer groot verschil. Voor den land- en tuinbouwer is het van het grootste belang, dat hij precies weet in welken toestand de schadelijke insecten overwinteren; hij kan ze dan in hun winterkwartieren opzoeken en verder onschadelijk maken.
Nu we weten, dat de insecten in verschillende toestanden overwinteren, kunnen wij tegelijk de vraag beantwoorden: Waar komen de insecten in het voorjaar vandaan? Insecten, die in het voorjaar uit de eieren komen, doen niet dadelijk zooveel kwaad, als de rupsen, die overwinterd hebben; deze vallen dadelijk aan. Als een insect overwintert als pop, duurt het gewoonlijk nog al eenigen tijd voor de larve de planten gaat aanvallen.
Steekmuggen blijven den winter als volwassen mug over, en daarvoor zoeken zij kelders, gangen en waranda’s op; ook in stallen vindt men ze dan. Als wij nu in ’t voorjaar geen last van deze muggen willen hebben, kunnen wij ze in den winter dooden. De boomkweeker maakt in ’t vroege voorjaar de stammen van de vruchtboomen schoon; verschillende kevers, die in de naden zitten, worden dan verdreven of gedood. De kennis van ’t winterstadium van de insecten in dus van veel practisch belang.
Ook voor den insectenverzamelaar en den insectenkweeker is het van veel belang, dat hij wete, hoe de insecten den winter doorbrengen. Hij kan ze dan gemakkelijk verzamelen. Wij komen daarop nog wel terug.
[
Inhoud
]