Zesde Les.
Reading edition
De Tijd, de Datum, de Ouderdom.
Ter aanduiding van den tijd heeft het Esperanto verschillende vormen.
De Nederlandsche zin Het is 3 uur, vertaalt men: Estas la tria horo. ’t Woordje het wordt niet vertaald, terwijl men het woord horo gewoonlijk weg laat en dus alleen schrijft: Estas la tria.
Om nu in ’t Esperanto te zeggen, dat het 3.15 uur is, kan men de volgende manieren volgen:
1e. kan men zeggen, dat reeds 15 minuten of een kwartier van het vierde uur zijn verloopen, dus: Estas kvarono de la kvara, wat woordelijk beteekent: Het is een vierde van het vierde;
2e. kan men zeggen, dat het is 3 uur en een kwartier, dus: Estas la tria kaj kvarono;
3e. kan men zeggen, dat het een kwartier over of na het derde uur is, dus: Estas kvarono post la tria;
4e. kan men zeggen, dat het is 3 kwartier vóór het vierde uur, dus: Estas tri kvaronoj antaŭ la kvara.
De manieren onder 1 en 3 worden meestal gebruikt.
Het voorzetsel om vóór het uur wordt vertaald door je, bijv.: om 2 uur = je la dua; om kwart over 2 = je kvarono de la tria.
Het is 2.20 n.m. (namiddag) zou volgens de 4 bovenstaande manieren vertaald worden:
Estas dudek minutoj de la tria posttagmeze.
Estas la dua kaj dudek minutoj posttagmeze.
Estas dudek minutoj post la dua posttagmeze.
Estas kvardek minutoj antaŭ la tria posttagmeze.
Den datum kan men op tweeërlei manier aanduiden. Vraagt men bijv.: Welke datum is het heden? dan kan men dit vertalen door: Kiu dato estas hodiaŭ en Kiun daton ni havas hodiaŭ.
In het eerste geval is kiu dato het onderwerp en in het tweede geval het lijdend voorwerp van den zin (zie de n).
Het antwoord op bovenstaande vraag kan dan zijn bijv.: Hodiaŭ estas la kvara de aŭgusto, òf Hodiaŭ ni havas la kvaran de aŭgusto.
Tusschen het getal en de maand krijgt men altijd het woordje de, wat als voorzetsel geen n na zich heeft.
Hoe oud zijt gij? wordt vertaald alsof er stond: Welken leeftijd hebt gij? en wordt dus: Kian aĝon vi havas?
Het antwoord kan ook weer op twee manieren gegeven worden, bijv.: Ik ben 10 jaar wordt vertaald door: Mi havas dek jarojn, wat woordelijk beteekent: Ik heb 10 jaren, of door: Mi estas dekjara, wat woordelijk beteekent: Ik ben 10-jarig.
Achtervoegsels aĵ en ec.
Aĵ(o) duidt concrete zaken aan, die de eigenschap bezitten door het grondwoord uitgedrukt.
Concreet is datgene wat door de zintuigen kan worden waargenomen, bijv.: mola = zacht, molaĵo = zachtheid (zachte deel van fruit bijv.); amiko = vriend, amikaĵo = vriendschapsbetuiging.
In ’t algemeen kan men dit achtervoegsel omschrijven door het Nederlandsche iets dat .... is, bijv.: bela = schoon, belaĵo = iets dat schoon is; kreski = groeien, kreskaĵo = iets dat gegroeid is (gewas, plant).
Ec(o) vormt abstracte woorden, die de eigenschap bedoelen door het grondwoord uitgedrukt.
Abstract is datgene, dat niet met de zintuigen kan worden waargenomen, bijv.: frato = broeder, frateco = broederschap; sana = gezond, saneco = gezondheid.
De meeste woorden op ec gaan in ’t Nederlandsch op heid of schap uit, doch geen enkele heeft een meervoudsvorm.
Leer van buiten:
tempo tijd
momento oogenblik
horo uur
minuto minuut
sekundo seconde
tago dag
nokto nacht
mateno morgen (ochtend)
vespero avond
semajno week
lundo Maandag
mardo Dinsdag
merkredo Woensdag
ĵaŭdo Donderdag
vendredo Vrijdag
sabato Zaterdag
dimanĉo Zondag
monato maand
januaro Januari
februaro Februari
marto Maart
aprilo April
majo Mei
junio Juni
julio Juli
aŭgusto Augustus
septembro September
oktobro October
novembro November
decembro December
jaro jaar
sezono jaargetijde
printempo lente
somero zomer
aŭtuno herfst
vintro winter
dato datum
aĝo ouderdom, leeftijd
matura rijp
pura zuiver
agrabla aangenaam
grava belangrijk, ernstig
fortika vast, stevig
forta kloek, sterk, machtig
labori werken
dormi slapen
ami beminnen, houden van
rigardi kijken
plori weenen
malvarmumi een verkoudheid vatten
kosti kosten
kompari vergelijken
morgaŭ morgen (dag)
hieraŭ gisteren
frue vroeg
foje eens, keer
jam reeds
Vertaling:
Tage, nokte, tagmezo, saneco, malsaneco, eterneco, novaĵo, matureco, malpura, malpuraĵo, centjaro, blankaĵo, vereco, infaneco, parenceco, amikaĵo, boneco, beleco, bovaĵo, kokaĵo, estaĵo.
Vertaal in Esperanto:
Mannelijkheid, vriendschap, iets schoons, gewas (iets dat groeit), geschrift, gezang, hoeveelste, kinderachtigheid, jonkheid, oudheid, slechtheid, koude, ontevredenheid, zwakheid, vlugheid, ongerust, zuiverheid, oppervlakte (wat van boven is), omstreken, broederschap, vroolijkheid, gerustheid, binnenste (wat waar te nemen is).
Vertaling:
La semajno havas 7 tagojn. Mia fratino havas 19 jarojn (aŭ Mia fratino estas 19 jara). Hodiaŭ estas merkredo. 100 jaroj estas centjaro aŭ jarcento. Kiun daton ni havas hodiaŭ? Kiu tago estos morgaŭ? Hodiaŭ ni havas la dekan (tagon) de la monato. Unu monato estas dekduono de jaro. Unu tago estas tricent sesdek kvinono de jaro. Kioma horo estas nun? Estas la dua; kvarono de la tria; kvarono post la dua; duono de la tria; tri kvaronoj de la tria; tri kvaronoj post la sesa; kvarono antaŭ la sepa. Kian aĝon vi havas? Bonan tagon, bonan vesperon. Januaro estas la unua monato de la jaro kaj decembro la dekdua. Nokte la policanoj en Parizo iras duope. Somere je la tagmezo estas ofte tre varma. La kiso estas amikaĵo. Mi amas la ĉirkaŭaĵojn de tiu urbo. Ni komparas la belecon de la printempo kun tiu de la aŭtuno.
Vertaal in Esperanto:
Een dag is het zevende deel van een week. Hoe laat (om welk uur) komt (venos) uw zuster? Den 13en Augustus kom (venos) ik bij u en blijf (restos) 3 dagen. Den hoeveelsten is het vandaag? (vertaal als: Welken datum hebben wij vandaag?) Hoe oud is uw broeder? Hij is 16 jaar. De vriendschapsbetuigingen van dien man zijn onwaar. De jonkheid is altijd gelukkig en vroolijk. De rustigheid van de omstreken van deze stad is zeer aangenaam in den zomer. De oppervlakte van dien steen is wit. Des daags moeten wij werken, ’s nachts kunnen wij slapen. ’s Zomers is het weder dikwijls zeer warm, in den winter zeer koud. Het is vandaag te koud voor (laŭ) het seizoen. In den zomer zijn de boomen groen. De 31e December is de laatste dag van het jaar. Een uur heeft 60 minuten en een minuut heeft 60 seconden.
Opmerking: Waar wij den tegenw. tijd van een werkwoord gebruiken, terwijl we over een handeling of werking in de toekomst spreken, gebruikt men in ’t Esperanto den toek. tijd, bijv: Ik kom morgen = Mi venos morgaŭ.