XXVII. Nog in het land van Ronse.
Reading edition
In het land van Ronse kan men nog eenige wandeltochten ondernemen, die tevens schoon en leerrijk zijn: naar de Hooge heide en van den Daele's bosch, langs den steenweg van Ellezele; — naar St-Sauveur, langs de baan van Leuze; — naar Watripont, langs het kerkhof en het lusthuis van M. Snoeck.
Ellezele — Ellezelles — ligt in eene vallei.
Halfweg loopt eene straat naar van den Daele's bosch, met diepe ravijnen, kreupelhout en eeuwenoude boomen. De groei is hier bij uitstek krachtig.
In eene ouderwetsche herberg kan men allerhande versterkingen en ververschingen bekomen. De waard en zijne vrouw zijn ongemeen beleefd en voorkomend, misschien wel omdat de nieuwere beschaving er de voorvaderlijke gewoonten nog niet gansch kon uitroeien. Wij zagen het vuur flakkeren in den breeden haard op eenige steenen.
St-Sauveur is een vriendelijk dorp met ruim 2,000 zielen. Watripont, op de Ronne, telt er slechts 400.
Watripont, oudtijds Waudripont geheeten, was de zetel van eene groote heerlijkheid. De burcht was versterkt. In de gedempte grachten heeft men kanonballen en wapens gevonden, getuigen van vroegere belegeringen. Het huidige kasteel dagteekent van de XVIIIe eeuw.
Tot de heerlijkheid van Waudripont behoorde langen tijd eene vierschaar, die te Ronse het recht van hooge, middelbare en lage justitie uitoefende. In 1240 schonk Geeraard van Waudripont aan de ingezetenen van Ronse eene keure, hen vrij verklarende van lasten en leendiensten.
Veertig jaren nadien werd Ronse eene baronij. Deze hoorde in den loop der tijden aan vijf verschillende geslachten toe: aan het grafelijk huis van Vlaanderen (1280-1402); aan het huis van Hamaide-Roggendorf (1402-1549); aan het huis van Granvelle (1549-1630); aan het huis van Nassau-Siegen (1630-1745); aan het huis de Merode-Westerloo (1745-1830).
Watripont is hedendaags een lachend dorpje, omgeven van uitgestrekte weiden.
In het kerkje vindt men verscheidene oude grafzerken.