← Table of contents
Dubbele Twee

XXIII. Terugkomst.

Reading edition

Hoera, hoera, daar zijn we weer; Geen onzer, die er mist: De meester, die ons telde, heeft Zich stellig niet vergist. De juffrouw is steeds voorgegaan, De meester, die kwam achteraan; Zoo trokken wij vol blijden zin De wijde wereld in. Hoera, hoera, daar zijn we weer; Wij hebben pret gehad: Het weer was goed, de lucht was klaar, En prachtig was de stad. Wij hadden alles graag gekocht, Wat daar te zamen was gezocht; Maar meester zei: „Dat 's al te kras, Zoiets komt niet te pas.” Hoera, hoera, daar zijn we weer, Vol chocolade en koek; Geen onzer heeft, geloof het maar, Een vlek op schort of broek. Precies als we zijn heengegaan, Zoo komen we hier bij u aan; Ons mist geen nagel of geen haar, 't Is eerlijk, eerlijk waar. Hoera, hoera, daar zijn we weer, Blij na deez' blijden dag; Straks zeggen w' in ons eigen huis, Wat elk wel hoorde en zag. Hebt nog een oogenblik geduld, Wij wedden, dat ge hooren zult: „'t Was eenig mooi; een volgend keer Dan gaan we graag eens weer.”

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings