← Table of contents
Mijn Land, 03/11

HET WATERGEBIED VAN HET NOORD-OOSTELIJK DEEL VAN ZUID-HOLLAND.

Reading edition

Ziezoo, nu wij ons hebben verzadigd aan al het wetenswaardigs, wat steden en dorpen langs en in den duinrand ons vermogen te bieden, willen wij—bij wijze van ontspanning—eens een kijkje gaan nemen in het echt Zuidhollandsch merengebied, dat zich uitstrekt ten noorden van den Ouden Rijn tot in Noord-Holland en beoosten daarvan zich voortzet tot in Utrecht.

Wanneer men Leiden aan den oostkant verlaat, door de Zijl, dan voert de weg regelrecht naar een der schoonste merengebieden, die ons land kent: de Kagerplassen, een zeer geliefd water voor zeilers, waar ook elk jaar een week lang zeer druk bezochte zeilwedstrijden worden gehouden (de Kaagweek) en waar men dan allerlei schepen van velerlei afmeting en tuigage te zien krijgt (pl. 72). In dit uitgestrekte watergebied rond te varen, er te liggen tusschen het hoogopgaande riet, er te zwemmen, te visschen, te zeilen, te roeien.… in één woord er te leven is een genot, dat geen vergelijking kent.

Deze plassen met hun talrijke eilandjes, hun schuilhoeken, onderling verbonden door nauwe geulen, in het wuivende riet als uitgesneden, die plassen zijn van een bekoring, die eigenlijk geen enkel ander landsdeel ons geven kan.

Hoe is de kleur van dit mooie waterland?

Ik weet het niet.

Ik heb wel eens geprobeerd vergelijkingen te maken, maar de wisseling was te groot en het ging te snel. Dat water is soms leikleurig, soms helderblauw, dan weer mosgroen of dof-grijs al naar gelang het waait of al naar de wolken spelen boven het spiegelend watervlak.

En zooals het water is, zoo is de heele omgeving.

Wisselend van kleur met de wisseling van het weder.

In hellen zonneschijn met helderen blauwen hemel is deze Kagerplassen-zee een paradijs van fijne schoonheid: dan trekken de rietkragen felle lijnen groen langs den horizon, waarboven, vaag een beetje, oplijnen de contouren van verafgelegen huizingen of hier en daar als felle spietsen dunne kerktorentjes hoog-opflitsen in het hemelblauw. Dan is het water lei-grijs, kabbelend in de forsche rietstengels het eeuwige lied.…

37. ROTTERDAM, Delftsche Poort 38. ROTTERDAM, St. Laurenstoren

37. ROTTERDAM, Delftsche Poort
37. ROTTERDAM, Delftsche Poort
38. ROTTERDAM, St. Laurenstoren
38. ROTTERDAM, St. Laurenstoren

39. DEN HAAG, Vredespaleis 40. WATERINGEN, Graanmolen

39. DEN HAAG, Vredespaleis
39. DEN HAAG, Vredespaleis
40. WATERINGEN, Graanmolen
40. WATERINGEN, Graanmolen

Maar als dan de hemel overstapeld is met donzig-dichte wolken van velerlei kleur—van melkwit tot donker-grauw—en als dan de wind fel waait en de rietkoppen altegaar en gelijktijdig buigen in den wilden cadanz, dan is het beeld van deze plassen weer geheel anders. Dan vervloeien de omtrekken van wat er omhenen staat tot een donkere breede lijn, dan zien de kerktorentjes niet meer ijl en teer, dan wordt alles knoestig en forsch. Dan is het alsof zelfs het eeuwig lied van het dan loodkleurige water verandert. Een dof geborrel, een heftig gebrom en bonzend klotsen in den sterken rietwal.…

En daartusschen liggen vele, vele momenten van overgang.

Maar het liefst is mij het sterke, het machtige. Als die echt Hollandsche wolkenhemel hangt boven het water, dan te varen op de Kaag, op Zweiland, Norremeer en Dieperpoel, dan te scharrelen tusschen al die eilanden van riet is een genot, dat alleen deze Kagerplassen kunnen geven.

De Leede voert naar Warmond, naar dat schoone dorp, waarvan de bosschen de noordwestelijke afscheiding van de Kagerplassen vormen. Een dorp met vele oude huizingen, die alle aan het water liggen en waarvan er enkele nog aan den waterkant zoon echt oud koepeltje hebben, waarin de menschen vroeger plachten thee te drinken.

Maar wij houden ons daar niet op.

Varen weer terug over de Dieper Poel naar het dorpje de Kaag, dat daar op den oostelijken oever verscholen ligt en komen daar weer in de ringvaart van de Haarlemmermeer en zoo naar Oude Wetering.

Links waart het oog over Noord-Holland. In de diepte ligt de geweldige polder. Een zeilschip komt ons tegen, de bruine zeilen bollen in den wind. De Wetering is breed: de oevers tellen vele werven. Aan den wal plassen de huisvrouwen in hun alles-overheerschende zucht naar zindelijkheid.…

41. HEENVLIET, Ruïne Ravestein 42. DORDRECHT, Topgevel 1618

41. HEENVLIET, Ruïne Ravestein
41. HEENVLIET, Ruïne Ravestein
42. DORDRECHT, Topgevel 1618
42. DORDRECHT, Topgevel 1618

43. OUDEWATER, Stadswaag 44. SCHOONHOVEN, Veerpoort

43. OUDEWATER, Stadswaag
43. OUDEWATER, Stadswaag
44. SCHOONHOVEN, Veerpoort
44. SCHOONHOVEN, Veerpoort

Dan zijn wij op de Braassemermeer.

Alweer een van die Zuidhollandsche meren, niet zoo rijk misschien aan schuilhoeken als de Kaag. Ook geen of althans weinig van die haast onvindbare geulen, zooals daar over de geheele oppervlakte aanwezig zijn. Maar toch ook niet minder mooi. Alleen anders.

Staande bij Beck’s hotelletje op den Westwal, waar een wedstrijdtoren voor het zeilen is, kan men van dien toren af een prachtig gezicht hebben op het heele meer, welks lage walle-randen bijna geheel met riet bedekt zijn (pl. 99). Aan dezen kant spitst de toren van Roelof Arendsveen omhoog boven de lage woningen. Recht voor ons ligt Rijnsaterswoude (pl. 27).

Die Braassemermeer is weer van een geheel verschillende schoonheid. Een schoonheid, die meer voorkomt uit de omgeving dan wel—gelijk op de Kagerplassen—uit het water zelf. Want de Braassemer is meer open, ronder zou ik haast willen zeggen. En de omgeving teekent zich hier gemakkelijk en duidelijk af.

Naar het Noorden toe, weer langs de Ringvaart, ligt in het uiterste noordpuntje van de provincie, het dorp Leimuiden (pl. 28). Een typisch dorp met een breed kanaal er doorheenloopend, waarover talrijke bruggetjes de verbinding met den overkant bewerkstelligen. „My home is my castle” zeggen de menschen in dit waterland terecht. En zij maken er een echt kasteel van: draaien ’s nachts hun „slotbrug” of plank over het water weg!

Verder naar het Oosten toe, van Rijnsaterswoude gaande naar Nieuwveen, komen wij in het echte polderwaterland. Door ter Aar en langs Zevenhoven. Daar zijn de Nieuwkoopsche plassen, die een waar eldorado zijn voor visschers en voor jagers. In het dorpje Noorden (pl. 79) staan nog wel enkele jachthuizen en de echte liefhebbers komen er jaarlijks een paar malen die tijdelijke woningen betrekken, om er zich eenige dagen aan hun sportvermaak te wijden.

45. GORINCHEM, Detail Huis Bethlehem 46. RHOON, ’t Huis

45. GORINCHEM, Detail Huis Bethlehem
45. GORINCHEM, Detail Huis Bethlehem
46. RHOON, ’t Huis
46. RHOON, ’t Huis

47. MAASSLUIS, Haven en Hervormde Kerk 48. GOUDA, Glasramen Crabeth St. Janskerk

47. MAASSLUIS, Haven en Hervormde Kerk
47. MAASSLUIS, Haven en Hervormde Kerk
48. GOUDA, Glasramen Crabeth St. Janskerk
48. GOUDA, Glasramen Crabeth St. Janskerk

[

Inhoud

]

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings