PAARDJE SPELEN
Reading edition
Twee vriendjes speelden paardje,
Ze liepen in een vaartje,
Ze liepen in galop,
Van hola, hort nu, hop!
Toen zei het klein koetsiertje:
»Doe mij nu een pleiziertje,
»’k Geef jou de leidsels aan,
»Laat mij in ’t tuig dan gaan.”
»Dat doe ik niet,” zei d’eene.
»Dan zal ’k het tuig wel nemen.”
Daar trokken ze met een ruk
De zweep en leidsels stuk.
Twee ventjes speelden paardje.
Eerst ging ’t in een vaartje,
Nu staan ze strak en zuur
Te brommen bij den muur.

Nu staan ze strak en zuur te brommen bij den muur.
[
Inhoud
]
