← Table of contents
De Liereman

'T UUR IS DAAR!

Reading edition

"'t Uur is dáár! "Moedig maar! "Kom," sprak Koenraad tot zijn Bruidje, "Kom, schoon Elsje! in 't huwlijks-schuitje; "'t Uur is dáár, "Voor het toevend echtaltaar!"

"'k Gaf mijn hand, "U ten pand," Antwoord ze onder lieflijk blozen, "'k Heb voor duizend u verkozen,— "'t Uur is dáár, "Zegen ons, Alzegenaar!"

En nu hecht, De eerbare echt, Trouwe Twee! uw zielen zamen; 's Priesters mond zegt plegtig, Amen! 't Uur is dáár, Veel geluk, beminlijk paar!

Blijde stond! 't Jaar verzwond, En aan Elsjes blanken boezem, Prijkt een frissche huwlijksbloesem; 't Uur is dáár, 't Zaligst uur, voor hem en haar!

Treft hun hart, 's Levenssmart,— Koen wijst Elsje naar den Hoogen, Zegt en wischt heur schreijende oogen; 't Uur is dáár, "Maar God helpt soms wonderbaar!"

Als 't verdriet, Henenvliedt,— O! dan spreekt weêr Elsje teeder: "Knielen wij eerbiedig neder, "'t Uur is dáár, "Onzer dankbeê na 't gevaar!"

Moet een pligt, Nog verrigt,— Beiden brengen, kloek van zinnen, Aan hun' geest dien pligt te binnen; "'t Uur is dáár!" Zeggen zij dan tot elkaár.

Vroeg ontbood, Hen de Dood— Doet die roepstem hun niet beven? Neen, zij laten kalm het leven; 't Uur is dáár,— Maar tot de afreis zijn ze klaar!

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings