Het land der Bagas en de Rio-Nuñez.
Reading edition
Naar het verhaal van den luitenant ter zee Coffinières de Nordeck.

Een marigot.
Mijn doel is geen ander dan een denkbeeld te geven van de landstreek van de Rio-Nuñez. Herhaalde malen heb ik deze bijna geheel onbekende streken bezocht en de uitkomsten mijner onderzoekingen in officieele rapporten medegedeeld. Het is mij nu slechts te doen om het een en ander mede te deelen omtrent de volksstammen, die krachtens de traktaten onder het protektoraat van Frankrijk zijn geplaatst, en omtrent het land, waar onze vlag wappert. De Rio-Nuñez is tegenwoordig fransch grondgebied, zoo goed als de vlakte van Saint-Denis, maar de bewoners van dat grondgebied zijn ons minder bekend dan die van Frankrijk; en het is ook niet te loochenen, dat onze west-afrikaansche medeburgers, de Landoemans, de Naloes, de Bagas en de Mandi-Foré, in meer dan één opzicht van ons verschillen.
Sedert vele jaren behoorde die streek reeds aan Frankrijk, maar de regeering liet zich aan deze bezitting niet veel gelegen liggen, en liet de inboorlingen onderling hunne zaken regelen en hunne geschillen uitvechten. De uitbreiding der koloniale macht van andere europeesche mogendheden heeft ook ons land bewogen om meer dan tot dusver zijne aandacht te wijden aan hetgeen in Afrika voorviel; en ten einde niet verplicht te zijn, in een zeer moorddadig klimaat troepen te moeten onderhouden, heeft men de andere inlandsche vorsten weten te bewegen, onzen bondgenoot of vasal, den koning der Naloes, als hun suzerein te erkennen.
Maar het zal niet overbodig wezen vooraf een kort overzicht te geven van de ligging en de geografische gesteldheid van de Rio-Nuñez.
Sedert meer dan tweehonderd jaren behoort de Senegal aan Frankrijk: het is onze oudste nederzetting. Zij omvat geheel Senegambië, uitgezonderd Gambia, dat aan de Engelschen behoort, en het [122] land der Bissagos, dat eene bezitting is van Portugal. De noordelijke grens van de fransche kolonie begint aan Kaap Blanc, de zuidelijke reikt tot Sierra-Leone. Een der belangrijkste rivieren van deze landstreek is de Rio-Nuñez; zij stort zich met een zeer wijden mond in zee, een weinig ten noorden van Kaap Verga, op 10° 35′ noorderbreedte en 17° 5′ westerlengte. De toegang tot de rivier zou zeer gemakkelijk zijn, wanneer zich niet op eenigen afstand eene keten van riffen uitstrekte, die niet zichtbaar zijn, en waarboven eenige eilandjes uitsteken, die met den archipel der Bissagos verbonden zijn. Om de rivier te bereiken, moet men ten zuiden van deze bank van riffen omvaren; men volgt dan een vrij recht kanaal, dat tusschen zandbanken en rotsen doorloopt, maar men heeft geen drempel te passeeren, als bij de meeste andere riviermonden langs de kust; het gansche jaar door is de Nuñez voor groote schepen toegankelijk.
Het klimaat is zeer ongezond, vooral in November en December; maar in elken tijd des jaars behoort deze kust tot de heetste streken van het gansche land. Toch wordt, sedert oude tijden reeds, de Nuñez veel bezocht. Opmerkelijk is het voorts, dat te allen tijde de streek hoogerop langs de rivier meer beschaafd en ontwikkeld is geweest dan aan haar mond. Zeer waarschijnlijk is dit verschijnsel, hetwelk tegen den gewonen regel strijdt, een gevolg van het klimaat. Vóór de afschaffing van den slavenhandel leverden de landstreken hoogerop langs de rivier een zeer belangrijk contingent; later zetten de slavenhalers hun bedrijf in stilte voort, geholpen door de vele schuilhoeken, die de talrijke wateren en hunne vertakkingen overvloedig aanbieden. De blanken drijven nu wel geen handel meer in slaven, maar de negers zelven gaan daarmede ongehinderd voort. Het is ook onmogelijk hun dit te beletten; trouwens de slavernij behoort sedert eeuwen en eeuwen tot hunne ingewortelde, overgeërfde zeden en gewoonten; niemand ziet daar iets onrechtvaardigs of ergerlijks in, en een negerslaaf zou zich zeker ten uiterste verbazen, indien hij wist en verstond, welke gevoelens en gewaarwordingen europeesche dichters en romanschrijvers hem en zijn lotgenooten alzoo hebben toegedicht.
Gedurende de maanden December tot Mei wordt tegenwoordig een andere, minder bedenkelijke handel gedreven, namelijk in stoffen, ijzerwerk en andere produkten der fransche nijverheid, die tegen caoutchouc, palmolie en oliehoudende zaden worden ingeruild. De negers zijn ten eenemale ontbloot van artistieken smaak: aan goedkoope artikelen geven zij steeds de voorkeur boven andere, die fraaier en deugdzamer, maar duurder zijn. Onze kooplieden hebben dan ook een harden strijd te voeren tegen hunne engelsche concurrenten.
De geheele streek langs de rivier is doorsneden door een tal van stroompjes en wateren, zoogenaamde marigots, die een schier ondoordringbaar net vormen en met de eigenlijke rio verbonden zijn. Eb en vloed brengen voortdurend wijziging in de richting en den loop dezer wateren; voor een groot deel loopen zij bij ebbe droog, niets meer achter latende dan eene beek van modder, ter weerszijde door wortelboomen omzoomd. Deze boomen met hun zonderlinge, boven den grond uitstekende wortels, die een zoo eigenaardig effect maken, groeien langs alle wateren van het land; als het water gezakt is, zien zij er uit, alsof zij van onderen door een tuinman met zorg gesnoeid waren, want de bladeren vormen een horizontaal vlak, overeenkomende met den hoogsten waterstand. Kaimans en witte reigers schijnen de eenige bewoners dezer wildernissen.
Dringt men, met den vloed, met een licht bootje verder in een dezer kreeken door, dan bespeurt men soms ook nog andere boomen, met name palmen, wier bladerkronen zich hoog in de lucht verheffen, of wel reusachtige wolboomen, wier takken zelfs nog boven de hoogste palmen uitsteken. Daar kan men er ook bijna zeker op rekenen, menschen te zullen aantreffen. Nabij de monding der rivier wonen de Bagas; een weinig hoogerop de Naloes; nabij Boké, den versten post in het binnenland, vindt men de Landoemans; bij de bronnen der rivier eindelijk wonen de Foelahs, wier gebied zich uitstrekt tot den Senegal, die slechts dertig dagreizen van de Nuñez verwijderd is.