← Table of contents
Warda

Note 262) — TWEEDE BOEK. (continued 4)

Hendrik Cornelis Rogge translation

Deze vergelijking is zuiver Oostersch. Kisrâ noemde den wijn „de zeep der zorg.” Ofschoon den Mohamedanen de wijn verboden was, hebben zij toch de heerlijkheid van het druivennat, niet minder dan de gasten van het Seti-huis, geroemd. Zoo zegt Abdelmâlik ibn Sâlih Hâschimî: „Het uitnemendste waarmede de wereld zich verheugt, is de wijn.” Gâhiz zegt: „De wijn, wanneer hij in uwe beenderen dringt en door uwe leden vloeit, verleent u de waarheid van het gevoel en de volmaking der ziel; hij maakt uw geest buigzaam, neemt alle beklemdheid weg, veredelt uwe stemming;” enz. Toen men Ibn Aischah van iemand vertelde, dat hij geen wijn dronk, zeide hij: „De wereld heeft dien man reeds driemaal verstooten.” Ibn el Moe tazz zong:

„Zorg niet of de tijd blijft dralen, of wel rusteloos verder gaat! Klaag alleen den wijn uw kommer, als hij schuimend voor u staat. Hebt gij driemaal reeds gedronken, zoo behoed vooral uw hart, Zal de vreugd het niet ontvlieden en u blijven alle smart. Dit is de een’ge welbeproefde aller zorgen artsenij; Daarom hoor toch wat ik rade, wetend wat u dienstig zij. Zorg niet, want hoe menig wenschte d’armen, droeven menschengeest Van zijn zwaren last te ontheffen — ’t Is al vruchteloos geweest!”

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings