← Table of contents
Waarheid en droomen

Note 1 — NEDERLANDSCHE TYPEN.

Reading edition

Doch het behoort onder de voorrechten van dezen stand, dat hij van zulke wenschen en zorgen niets weet. Onze arbeider althans leidt zijn eentoonig en onafgewisseld leven met onveranderde tevredenheid. Schoon wij hem niet kunnen aanzien zonder een onwillekeurig gevoel van medelijden over zijn zwaren arbeid en armoedig bestaan in ons te voelen opkomen, verzeker ik u, dat hij ons daarvoor niet bedanken, maar van al ons beklag niets begrijpen zou. En waarlijk er is geen reden toe. De man heeft alles wat hij wenscht. Zijn klok staat aan den hemel: hij gaat met de zon te werk en te bed. Zijn tanden zijn hard genoeg voor het hardste roggebrood, en zijn vochten weten niets van het schadelijke van een onmatig gebruik van spek. Zijn harde matras schijnt met slaapbollen gevuld. Hij heeft alle dagen een lekker gastmaal: aardappelen, door zijn eigen hand geteeld, met een heerlijke saus overgoten, die honger heet, en een groot feest: rust na arbeid. Buiten deze dagelijksche feesten heeft hij nog des zondags de wandelingen naar het nabijgelegen stadje, dat gij over ’t water ziet, met een aardig boerinnetje aan zijn zijde. En als het kermis is en hij met zijne uitverkorene voor de vedel staat, dan zou hij niet willen gelooven, dat het mogelijk is grooter pret in de wereld te smaken. En misschien is het ook niet mogelijk! Zoo leeft dan de arbeider jaar in jaar uit, even gelukkig en tevreden, en zou ons uitlachen, als hij wist, dat wij zooveel moeite nemen om hem te beschrijven1.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings