← Table of contents
Verhaal van het vergaan van het jacht de Sperwer

Note 31 — INLEIDING.

Reading edition

“Dat geene Hollanders sonder vragen van ’t Eijlandt en vermochten te gaan. Dat wel hoeren maar geene andere vrouwen, Japanse Papen nochte bedelaers op ’t Eijlandt mochten comen”. (Dagr. Japan 19 Aug. 1641).—Hoe ten tijde van hun verblijf in Firando, Compagnie’s dienaren zich hadden te gedragen, blijkt uit de aanschrijving van Heeren Meesters (Patr. Miss. 3 Oct. 1637): “De onse moeten den Jappanders na de mondt sien en alles om den handel onbecommert te gauderen, verdragen”; zoomede uit de Instructie aan het Opperhoofd Nicolaes Couckebacker (ulto Mei 1633, Kol. Arch. no. 759)—Vgl. “Dat hij [nl. Couckebacker] sich in alle sijnen handel, wandel ende civilen ommeganck zoo lieftallig,vrundelijck ende nederig tegen alle en een ijder, soowel groot als clijn, sal hebben te comporteren dat hij bij de Japanse natie, die selfs van conditie wonder glorieus is, oock geen grootsheijt, trotsheijt of hoovaerdije in vreemdelingen can verdragen, bemint ende aengenaem sijn mach” (Gen. Miss. 15 Aug. 1633).

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings