Note 16 — Bijlagen
Reading edition
4. ....tot onser alder harte leetwesen de fluijt de Smient nochte het schoone Jacht de Sperwer daer [Japan] niet is comen te verschijnen ’t welck bij ons op den 29en Julij laestleden naer Jappan affgevaerdicht was met een cargasoentie van ƒ 38819:14:15 dat seecker voor de Compe te16 groote slaagen zijn voornamelijck t missen van soo veel trouwe dienaren ende twee soo costelijcke schepen.....Wat ongeval de Sperwer mach zijn bejegent en connen niet bevroeden; oock en hebben daar van de minste tijdinge niet becomen. Uijt Jappan werdt geschreven dat de Fluijt Campen op het noordt eijnde van Formosa een legger Battaviasche arack in zee hebben gevischt, desgelijck eenige cruijshouten met een combaers sien drijven, waar door vermoeden het van d.o Jacht moet wesen dat (godt betert) twee daagen naar desselfs vertreck van dese rede de selfde storm heeft gerescontreert als wanneer de fluijt de Trouw op t noorderrif quam te stooten ende masteloos raeckte, insgelijcx ’t galjoot Ilha Formosa verdreeff en in Pehoe quam te stranden, oock onse cleene lootsboot van ondert Fort ’t Canaal uijtdreeff en omtrent Lackemoij is comen te verongelucken; doch het vreemste, dat schier ons onmogelijck schijnt, is dat daarvan geen tijdinge hebben vernomen want soo het op de Formosaansche custe ofte aan’t noordt eijnde van Pehouw was comen te verongelucken, ongetwijffelt wij souden daarvan contschap becomen hebben, zulcx dat niet weten wat hier van sullen presumeeren. Wij willen echter het beste verhoopen ende godt bidden dat gem.e Sperwer noch mach comen op te donderen.