Note 28 — Zwina
Reading edition
De Nkandu, die gesteld was, was aangebroken. Zij bonden heele dragerskorven eten vast, zij kwamen te zamen, wel twee honderd, en geweren en geweren en geweren, en potten poeder en potten poeder. Zij trokken op met cimbalen en klokjes en trommels. Zij gingen en gingen. Zij sliepen; de dag was aangebroken. Toen zij weer gingen en gingen en gingen, sliepen zij. Zij sliepen wel acht slapen op weg, den negensten kwamen zij aan. Degene, die de belletjes en klokjes konden spelen, begonnen: Ku nge, nge, nge, nge, nge. Ku nge, nge, nge, nge, nge …28.