Note 8 — IV HELMONDSCHE NAMEN UIT DE MIDDELEEUWEN.
Reading edition
Tot nog toe hebben wij slechts mansnamen vermeld en verklaard, die op onze naamlijst voorkomen. Die lijst bevat echter ook evenzeer sommige vrouwennamen, al is het dan, uit den aard der zake, in geringer aantal. Die benamingen van vrouwen zijn samengesteld volgens de zelfde regelen die voor de mansbenamingen gelden, en zij komen, even als dezen, in allerlei verschillende vormen voor, van de eenvoudigsten tot de meest samengestelden. Toch zijn de toenamen dezer Oud-Helmondsche vrouwen bijna zonder uitzondering ware vadersnamen. Voor de vrouw, die slechts zelden zelfstandig optreedt in het dagelijksche leven, die zich dus niet zoo lichtelijk eenen toe- of bijnaam aan bedrijf of herkomst of eenige andere zaak ontleend, verwerven kan, ligt deze soort van benaming dan ook nog nader voor de hand, als voor den man. Zulke vrouwennamen zijn die van Marie Wouters (1460), d.i. eenvoudig Maria, de dochter van Wouter; Lysbeth ende Hille dochteren Arts Stippelmans, dochters van Art Stippelman of Stippelmans; Ermgarde Jan Belien soens dochter (1401), dat is: Ermgarde, de dochter van Jan Beliensoen, van Jan die een zoon was van Beli of Bely, van de vrouw die den doopnaam Bely droeg. Immers Bely is een vrouwennaam, en niet een mansnaam, die ook wel als Bele en Belitje voorkomt, en eene verkorting is van den vollen vorm Mabelia. In de laatste middeleeuwen, en zelfs nog in de 17e eeuw was deze naam geenszins zeldzaam in gebruik; ook in Holland. Zelfs heden ten dage is hij nog niet uit het gebruik verdwenen. Behalve in bovengenoemde benaming, komt hij in onze Helmondsche naamlijst nog voor als Bele Henrix Scillinxdochter (1389) en als Maebely dochter wilen Emonts van der Straeten (1446)8. Behalve alle deze patronymicale benamingen, vinden wij bij de oud-Helmondsche vrouwen slechts eene die eenen eigenen toenaam draagt: Jutte van Rijthoven (1416). En eene die geenen vadersnaam, noch ook eenen eigenen toenaam voert, maar genoemd wordt naar den naam van haren man, dat is Lysbet Jan Bynts wijff (1449). Waarschijnlijk was deze Lysbet geen Helmondsche, maar eene vreemde, die eerst na haar huwelijk met Jan Bynt, te Helmond, in de stad van haren man was komen wonen. De Helmondsche burgerij, die dus haren vader niet, maar haren man zeer wel kende, onderscheidde haar dien ten gevolge zeer gereedelijk; niet, als gewoonlijk, met den naam van haren vader, maar met dien van haren man.