Note 9 — III. NAMEN ONZER VOOROUDERS IN DEZE OORDEN.
Reading edition
De voornaamsten daarvan waren de groote en kleine Friezen en de Batavieren, waaraan de Tubanten, de Bructeren, de Sicambren, Chamaven, Gugernen, Toxandriërs, Caninefaten en Sturiers grensden, terwijl de Trivieren, Eburonen, Condrusen, Tongeren, Aduatiken, Nerviers, Atrebaten, Menapiers en Morinen zich zuidelijker gevestigd hadden.9