Note 2 — XXVII. Brieven over het feest.
Abraham Anthony Fokker translation
We woonden de tooneelvoorstelling bij. U kent reeds onze artisten Ratia, Carvajal en Fernandez. Hun geestig spel werd slechts door ons begrepen, want de menschen van minder ontwikkeling konden er in ’t geheel niet bij. Chananay en Balbino waren goed, ofschoon een weinig schor. De inlanders, vooral de burgemeester, vonden het Tagaalsche komedie-stukje zeer naar hun zin: deze laatste wreef zich in de handen en zeide ons, dat het wel jammer was dat men de prinses niet met den reus had laten vechten, die haar geschaakt had, hetwelk naar zijn idee wonderbaarlijker zou geweest zijn, te meer als de reus onkwetsbaar bleek te wezen, behalve aan zijn navel, gelijk een zekere Ferragus waarvan de geschiedenis der Twaalf Pairs2 verhaalt. De weleerwaarde pater Fray Dámaso, deelde met de goedhartigheid die hem zoo bijzonder eigen is, deze meening van den “gobernadorcillo”, en voegde er bij, dat in zoo’n geval de prinses er wel voor zou weten te zorgen ’s reuzen navel te ontbloten en hem den genadeslag te geven.