← Table of contents
Nietzsche's Philosophie

Note 44 — NIETZSCHE’S INTELLECTUEELE EMANCIPATIE. (1869–1879).

M. François-Merkus translation

Tot slot van deze discussie Nietzsche’s schoon aphorisme, Sterrenvriendschap, waarin hij in een, naar zijne zienswijze natuurlijk onpersoonlijken vorm maar met zulk eene hooge gevoelsuiting de werkelijk zoo treurige geschiedenis van zijne vriendschap en zijnen breuk met Wagner heeft beschreven: „Wij waren vrienden en zijn vreemdelingen voor elkander geworden. Maar het is zoo en wij verbergen het elkander niet alsof wij er ons voor moesten schamen. Wij zijn als twee schepen, waarvan elk zijn eigen doel en eigen weg heeft; wij kunnen elkander wel ontmoeten en samen feestvieren zooals wij vroeger deden—en op dat oogenblik lagen beide schepen zoo vreedzaam in dezelfde haven, onder dezelfde stralen der zon, dat het was alsof zij hun doel reeds hadden bereikt en nooit anders dan éénzelfde doel hadden gehad. Maar toen dreef de almachtige noodzakelijkheid van onze taak ons verre uiteen, naar verschillende zeeën en klimaten; nu wellicht zullen wij elkander nooit weerzien—wellicht zullen wij elkander ook wel weerzien, maar zonder elkander te herkennen, zoo zeer zullen wij veranderd zijn door de zee en door de zon. Wij moesten vreemdelingen voor elkander worden: dat was de wil van onze hoogere wet, maar daarom ook moet elk onzer de achting van den ander waardiger worden! Zoo ook moet de herinnering aan onze vervlogen vriendschap steeds heiliger worden! Er bestaat zeker een groote kromme lijn, de loopbaan eener ster, waarin onze zoo geheel verschillende wegen en doeleinden begrepen zijn als korte segmenten—laat ons trachten ons tot die gedachte te verheffen! Maar ons leven is te kort en ons gezicht te beperkt om ons meer te kunnen doen zijn dan vrienden in den zin van die hoogverheven mogelijkheid. En zoo willen wij gelooven aan onze sterrenvriendschap ondanks onze vijandschap op aarde.”44

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings