← Table of contents
Mythen en sagen uit West-Indië

Note 35 — II. West-Indische neger-folklore. (continued 3)

Reading edition

Als zeer treffend voorbeeld van de nauwkeurigheid, waarmede de Neger de natuurverschijnselen waarneemt en op zijne wijsgeerige wijze tracht te verklaren, heb ik niet kunnen nalaten in Bijvoegsel No. III een dierenfabel op te nemen, die door den schrijver R. H. Nassau (N.) uit den mond van een Bantoe-neger is opgeteekend.

Aan velen der in Nassau’s merkwaardigen bundel opgenomen vertellingen is, evenals in sommige naar West-Indië overgebrachte Neger-verhalen de Arabische invloed niet vreemd. Menig lezer zal vermoedelijk onwillekeurig denken aan de vertellingen van Duizend-en-één Nacht. Zulks is begrijpelijk, wanneer ik hier herinner aan de meening van Ethnologen, o.a. aan die van Sir Harry H. Johnston (Joh.), die de oorsprong der Bantoe-negers terugvoert tot den N.O.-kust van Afrika en die den Bantoe-stroom—om een ethnologischen term te gebruiken—Zuidwaarts naar de Kaap de Goede Hoop laat gaan, om van hier langs de West-kust tot den Aequator om te buigen (N.). Het kan dus niet vreemd zijn, dat door de aanraking der Bantoe-negers met negerstammen der Slavenkust het Arabische element in de Folklore zich verder Noordwaarts en Westwaarts heeft verspreid en, ten slotte met de slaven naar West-Indië is overgebracht. ↑

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings