Note 16 — I. INDIANEN-BEVOLKING VAN WEST-INDIË.
Reading edition
„Maar de Jagoeargeest alleen was niet voldoende, om den strijd te beslissen, want de Tijger kan in een hinderlaag gelokt worden. Daarom dansten de strijders ook den slange- of bekoringsdans, die in hen opwekte den geest, die onhoorbaar en onzichtbaar nadert, die omstrengelt en vastlegt, evenals de slang eerst haren prooi door vrees betoovert, verstikt en eindelijk inslikt. En daar de Worgslang niet alleen de geest van bekoring in zich heeft, doch tevens alle dieren, tot zelfs den Jagoear* en den Kaaiman* inslikt, wordt haar geest speciaal opgeroepen.”16