Note 13 — I. INDIANEN-BEVOLKING VAN WEST-INDIË.
Reading edition
Hoe moeielijk het is, den Indianen gewoonten en gebruiken af te leeren, die het vastgewortelde geloof hen heeft ingegeven, moge uit de mededeeling van een zendeling blijken, die onder de Indianen in het Orinocogebied heeft gearbeid. Toen hij er hen opmerkzaam op maakte, dat zij hunne vrouwen zooveel hard werk laten doen en haar daarbij niet hielpen en hun zei: „Broeders, waarom helpen jelui de vrouwen niet met het planten van cassave*?13 Zij worden vermoeid van de hitte, en moeten zelfs werken met een kind aan de borst. Zie jelui niet, dat het haar en haar kinderen ziek maakt”? kreeg hij ten antwoord: „Vader, Gij begrijpt deze dingen niet, die U hinderen. U moet leeren, dat vrouwen weten, hoe kinderen voort te brengen. Wij doen dat immers niet. Wanneer zij planten, geeft de maïs* altijd meer korrels en brengt de cassave manden vol wortels op, en zoo wordt elk ding door de vrouw vermenigvuldigd.” Uit dit antwoord blijkt weêr de groote filosofie der Indianen, die zij zoo dikwijls in beeldspraak tot uiting brengen.14