← Table of contents
Mythen en sagen uit West-Indië

Note 30 — I. INDIANEN-BEVOLKING VAN WEST-INDIË. (continued 3)

Reading edition

De Indianen kunnen in de vormelooze vleezige massa van den Alligator (het Amerikaansche krokodillengeslacht), die niet kan worden uitgestoken, onmogelijk een tong herkennen. Herodotus, die eveneens een goede waarnemer van den krokodil is geweest, beweert ook, dat dit dier geen tong bezit, waarom de krokodil bij de Egyptenaren het zinnebeeld van geheimzinnigheid was. Bij den stam der Akawai-Indianen (Engelsch Guyana) heerscht het geloof, dat de tong van den Alligator eertijds lang en buigzaam is geweest; dat Makoenaima* bij de schepping zijn vuur was kwijt geraakt, dat door de maroedi (een zwarte vogel, Penelope sp.) was ingeslikt; en dat, toen hij er overal naar ging zoeken, en de beesten (ook hier worden de vogels tegenover de andere dieren geplaatst) hem hadden verteld, dat de alligator, dien zij allen verafschuwden, er mee op den loop was gegaan, hij met geweld alligator’s muil heeft geopend, om het vuur te zoeken, en daarbij den tong, die hem in den weg zat, heeft uitgerukt. ↑

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings