Note 106 — I. INDIANEN-BEVOLKING VAN WEST-INDIË. (continued 3)
Reading edition
Maar nauwelijks op weg, bleek het, dat de Kalienja’s door talrijke Kenaima’s achtervolgd werden. De piaiman gelastte onmiddellijk, dat allen zouden beginnen te zingen, te lachen en pijlen af te schieten, om de vervolgers in den waan te brengen, dat zij met een groot leger te doen hadden. Deze list gelukte uitstekend en zingende en lachende bereikten de Kalienja’s de Corantijn. Toen eerst konden zij uitrusten, want de Kenaima’s waren niet in staat—waarom weet men niet—de Corantijn over te steken106, en nu nog, zoo besluit de legende, kunnen deze Kenaima’s het hollandsche grondgebied niet binnendringen, omdat allen ongedoopte heidenen zijn!