Note 44 — I. INDIANEN-BEVOLKING VAN WEST-INDIË. (continued 2)
Reading edition
Midden in den nacht voelde de familie beneden plotseling, dat de boom begon te schudden; zij hoorde rommelende geluiden, gevolgd door trillingen, en kregen de gewaarwording, dat de boom zijn wortels uit den zandachtigen bodem begon los te maken, en op het punt was, er vandoor te gaan.44 Juist waren ze voornemens de lange reis te ondernemen, toen Hariwali’s zuster, haar oogen naar beneden richtend, zich herinnerde, dat zij haar kwejoe* in de hut had achtergelaten. Zij riep haar broeder boven in den boom toe: Dekeweyo-daiba (ik heb mijn voorschoot vergeten) en toen zij ten antwoord kreeg, dat zij het moest gaan halen, veranderde zij op het oogenblik, dat zij haar hut had bereikt, in een wicissi-eend*. Nog altijd kan men deze eend „dekeweyo-daiba” hooren roepen, hoewel niet zoo duidelijk, als wanneer de woorden langzaam zouden worden uitgesproken.