← Table of contents
Minnebrieven; Over Vrijen-Arbeid in Nederlandsch Indië; Indrukken van den dag

Note 37 — Minnebrieven (continued 2)

Reading edition

Oud-Gouverneurs-Generaal, Oud-Residenten, Oud-Assistent-Residenten, gij allen die door Multatuli zijt beschuldigd, breekt het stilzwijgen af! Het vaderland verlangt het, uwe eer vordert het! Hoe? Multatuli werpt als in het voorbijgaan, zonder opzet en uit onbedachtzame jacht op geestigheid, een smet op de edele zendelingszaak, en dadelijk treedt voor haar een kampioen op, ridderlijk loyaal, met open vizier, om hem voldoening te vragen37 en gy, die hij, niet in ’t voorbijgaan, maar zonder ophouden, opzettelyk trof, gy, die hij kwetste op de plaats, waar mannen van eer het gevoeligst zijn, gij zoudt voortgaan met zwijgen, gij zoudt u als weêrloos laten slaan, als eerloos, laten beleedigen, gij zoudt de smet laten kleven op uwe namen? U is een handschoen toegeworpen, openlijk voor ’t oog der gansche natie, bij het klaar licht der eeuw der openbaarheid; raapt hem op! treedt in het strijdperk! Vier maanden38 zijn voldoende geweest, om uwe wapenen in orde te brengen.—Gij zijt gedagvaard voor de regtbank der openbare meening, verschijnt voor de balie! Vier maanden zijn u voldoende geweest om uwe verdediging voor te bereiden. Zoo gij onschuldig zijt, stelt ons gerust! Zijt gij schuldig, bekent dan schuld en geeft ons gelegenheid het kwaad te herstellen door u bedreven in onzen naam!

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings