Note (33) — XXII.
A. Nuyens translation
De pracht- of Pompadoer-kotinga. Wat Biart hier zegt is gedeeltelijk onjuist. De veeren vallen niet uit, maar veranderen van kleur. Men kan dit verschijnsel waarnemen bij een aantal buitenlandsche volière-vogels, zooals de verschillende wevervogels en de Widah-vinken. Tegen den broeitijd wordt het gewoonlijk grijsbruine gevederte allengs geel, oranje, blauw of rood, naar gelang der soort. Men noemt dit 't prachtgewaad of bruiloftsgewaad. Tegen den winter verdwijnen deze schitterende kleuren opnieuw om voor het eenvoudige winterkleed plaats te maken. (N. v. d. B.)