Note 4 — Geloofsbekentenis van broeder Avondrood.
Reading edition
Elk landbouwkundige kent het merkwaardige verschijnsel dat het gevolg is van het kruisen van rassen onzer tamme dieren, waaruit steeds edeler vormen voortspruiten. Ook de bastaarden der verschillende menschenrassen zijn vruchtbaar. Om de bestendigheid der soorten (species) wat de verschillende dieren betreft, te bewijzen en aan te toonen dat de onderscheidene diersoorten, wel is waar, bastaarden kunnen verwekken, maar dat zij niet zamensmelten, dat geene tusschenvormen, tot de voortteeling geschikt, kunnen worden voortgebragt, beroept men zich gewoonlijk op de bastaarden welke het gevolg zijn eener paring van een ezel met eene merrie, zoomede van een hengst met eene ezelin, op de muildieren en muilezels welke in den regel onvruchtbaar zijn. Maar in dit opzigt is onze ervaring zeer beperkt en strekt zij zich uit over een zeer gering getal soorten.—Niet alle gevallen waarin individuen van onderscheidene diersoorten zich gepaard en bastaarden geteeld hebben die weder vruchtbaar waren, zijn ter mijner kennis gekomen. Van het konijn (Lepus Cuniculus L.) met den gemeenen haas (Lepus timidus L.), en van dezen met den Alpen- of witten haas (Lepus variabilis L.) is het echter bewezen; ook de bastaarden van gemzenbokken (Antilope Rupicapra L.) met tamme geiten (Capra Hircus L.)4, van vossen (Canis vulpes L.) met teeven (Canis familiaris L.), van honden met wolvinnen (Canis Lupus L.), en van steenbokken (Capra Ibex L.) met geiten, waren vruchtbaar. Er bestaat wijders volstrekt geen grond om aan te nemen dat, behalve de hier genoemden (waarbij het toevallig werd waargenomen), niet nog vele andere verschillende diersoorten vruchtbare bastaarden kunnen teelen, indien slechts de bouw hunner geslachtsdeelen zoodanig is, dat de paaring kan plaats grijpen. En mogten de bastaarden van eenige dezer dieren thans onvruchtbaar zijn, dan mag hieruit nog niet het besluit worden getrokken dat de bastaarden van andere diersoorten in den voormaligen tijd, onder den invloed van een geheel ander klimaat onvruchtbaar waren.—Om kort te gaan, het voortteelingsvermogen der bastaarden van een aantal verschillende diersoorten van den huidigen tijd is bewezen. Stel nu, dat eenige Chimpanseapen negerinnen hadden bezwangerd en dat de bastaarden, door haar gebaard, onderling zich voortplanten, later dan weder met negers of Australiërs (welke laatstgenoemden onder de menschen op den laagsten trap staan en het meest met Chimpanse’s overeenkomen) zich vermengen, waaruit individuen ontstaan die reeds eene meerdere volkomenheid bezitten als de eerste bastaarden van apen en negerinnen, en die zich later met individuen van het Kaukasische ras paren en kinderen ter wereld brengen, dan zal het tweede en derde geslacht dezer laatsten, indien zij zich in een gunstig klimaat kunnen ontwikkelen, geene grootere overeenkomst met een Chimpanse meer hebben dan tusschen Lord Palmerston en een Papoea bestaat, of tusschen eene goed gevormde Lady en eene Hottentotsche vrouw, die wel is waar geen vetstaart draagt gelijk de schapen in haar land inheemsch, maar niettemin aan haar ligchaam zeer overeenkomende uitwerkingen der eigenaardige gesteldheid van dit land en zijn klimaat vertoonen kan, even als het schaap.