Note 3 — Hoofdstuk III. »Amadis de Galliër«.
S. Vos-Goudsmit translation
Het gebeurde, dat jonkvrouw Corisande, die Florestan liefhad, bij de Kale Rots landde, en hare maagden hoorden de geschiedenis van Amadis, die haar vertelde, dat hij Beltenebros heette, maar dat het gedicht gemaakt was door een zekeren Amadis, dien hij vroeger gekend had. Toen zij weder aan het Britsche Hof terug waren, zongen de jonge meisjes het lied van Amadis voor Oriana, die toen wist, dat Amadis en Beltenebros dezelfde waren. De »Maagd van Denemarken«, die uitgezonden was, om Amadis te zoeken, werd door stormen overvallen en naar den voet van de Kale Rots gedreven.3 Zij landde met Durin en een dienaar, Enil geheeten, en trof Amadis aan, biddende in een kapel; en toen hij het gelaat van het meisje aanschouwde, bezwijmde hij.