← Table of contents
Kwan Yin

Note 46 — Over chineesch boeddhisme en chineesche kunst.

Reading edition

Hebben de porseleinen van Ho Chao Tsung het statige van lijn en het bizonder prachtige der draperie, en geven zij in uitdrukking van gelaat de in het eindelooze verloren zaligheid van de ziel, als porseleinmaterie doen zij onder voor het wondere Peh Ting, waar ik met groote moeite één exemplaar van ben machtig geworden. Het stuk is „puh ts’ üen”: niet volmaakt, want van de achttien armen, die de Kwan Yin hierop oorspronkelijk had, zijn er zestien verloren46, maar het is met zulk een minutieuze zorg gerepareerd, zooals alleen een chinees kan doen, dat de oningewijde er niets van ziet.47 Uit een wilde zee, met opkrullend schuim, rijst de rechte, gestyleerde stengel van een lotusbloem. De lotus opent zich wijd, met twee rijen fijne blaadjes, gescheiden door een krans paarlen. In dien blanken kelk zit de boeddha Kwan Yin, met over elkaar gekruiste beenen, de zolen naar boven. De beide handen zijn opgeheven en saamgevouwen, en op de toppen van de opgestoken wijsvingers bloeit een bloem van rood koraal, waar de starende blik der oogen op is gericht. Aan weerszijden van den stengel staat een figuur op een schubbigen, kronkelenden draak, met opengesperden muil, de een de boeddha Jên Ting, Miao Sjen’s beschermer, de ander Hwang Lung, de Gele Draak, die haar door de hellen geleidde.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings