Note 9 — DE DOGMATIESE VERDUBBELING VAN DE GEWAARWORDINGSVORM.
Reading edition
Ten opzichte van 3 n trillingen per seconde bestaat tussen 4 n, 5 n of 6 n trillingen per seconde geen ander dan dit quantiteitsverschil. Dat ik bij 6 n „precies dezelfde toon, maar een octaaf hoger” hoor als bij 3 n, daarentegen bij 4 n een heel andere toon, nl. een die met de oorspronkelike „een reine quart” vormt en met die „zelfde hogere” „een reine quint”… en bij 5 n trillingen weer een die met de beide eerstgenoemde een grote sext en een kleine terts tot interval heeft, enz.—, heel die qualitatieve periodiciteit (telkens van n tot 2 n), die samenrijging van „octaven”, waarbinnen telkens alle mogelike verschillende tonen besloten liggen,—het berust uitsluitend op de inrichting van onze klankzin,—(weer niet te verwarren met het zintuig of het hersencentrum voor geluid),—absoluut niets daarvan is „mechanies”, quantitatief, te „verklaren”, daar quantiteit evenmin, ’t zij logies, ’t zij ontologies, ooit in qualiteit „omslaat”9 als hersencelbeweging of welk objekt ook kan worden „omgezet” in, of „overgaat” tot … bewustzijn.