← Table of contents
Keltische Mythen en Legenden

Note 16 — Hoofdstuk VI: Verhalen uit den Cyclus van Ossian.

B. C. (Boudewijn Casper) Goudsmit translation

Bij een verhaal als dit behoort voor den modernen smaak een romantisch en sentimenteel besluit; en dat is dan ook daaraan gegeven toen dr. P. W. Joyce het over vertelde in zijn “Old Celtic Romances,” even als dat geschiedde met het verhaal van Deirdre, door bijna elk modern auteur, die het behandelde16. Maar de Celtische verteller voelde het anders. Het verhaal van Deirdre’s einde is vreeselijk wreed, dat van Grania cynisch en spottend; geen van beiden is ook maar in het minst sentimenteel. Grania is in den beginne woedend op Finn en zendt haar zonen buitenslands om wapenfeiten te leeren, zoodat zij zich op hem zouden kunnen wreken wanneer de tijd daar is. Maar Finn, geslepen en vooruitziende als hij in dit verhaal wordt voorgesteld, weet dit gevaar af te wenden. Als de tragedie op Ben Bulben in Grania’s wuft gemoed een beetje is begonnen te verflauwen, begeeft hij zich tot haar en hoewel aanvankelijk met verachting en verontwaardiging behandeld, vrijt hij naar haar zoo kiesch en met zooveel teederheid, dat hij haar ten slotte weet te overreden17 en hij voert haar als bruid terug naar den Heuvel van Allen. Als de Fianna het paar zoo teeder ziet naderen, barsten zij uit in gelach en spottende kreten, “zoodat Grania beschaamd het hoofd liet zinken.” “Wij vertrouwen, o Finn,” roept Oisīn, “dat gij voortaan Grania wel zult houden.” Aldus maakte Grania vrede tusschen Finn en haar zonen en zij bleef bij Finn als zijn vrouw tot op zijn dood.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings